artikel

Einde aan zwarte periode speciaalzaken in zicht

Achtergrond

Einde aan zwarte periode speciaalzaken in zicht

Speciaalzaken hebben een zwarte periode voor de kiezen gehad. Tussen 2007 en 2015 daalde de omzet van bakkers, slagers, groenteboeren, vis- of kaaswinkels met 15 procent. Het verkochte volume nam zelfs met bijna 30 procent af. Sinds de tweede helft vorig jaar loopt de omzetlijn weer omhoog. ‘Er komt weer meer waardering voor de speciaalzaak.’ […]

Speciaalzaken hebben een zwarte periode voor de kiezen gehad. Tussen 2007 en 2015 daalde de omzet van bakkers, slagers, groenteboeren, vis- of kaaswinkels met 15 procent. Het verkochte volume nam zelfs met bijna 30 procent af. Sinds de tweede helft vorig jaar loopt de omzetlijn weer omhoog. ‘Er komt weer meer waardering voor de speciaalzaak.’

Voortdurend neerwaartse lijnen

In 2 jaar tijd 62 minder agf-winkels, 84 minder zelfstandige bakkers en 49 minder slagerijen. Het rijtje uit het rapport ‘De voedselspeciaalzaak 2.0’ van ABN Amro lijkt een herhaling van eerdere opsommingen uit rapporten over de gang van zaken bij de speciaalzaken. Er is voortdurend sprake van neerwaartse lijnen. De omzet loopt achteruit en hetzelfde geldt voor het aantal vestigingen.

Of is er toch sprake van een kentering?

Er lijkt echter sprake van een kentering. Voor het eerst sinds tijden is er sprake van een positieve omzetontwikkeling bij de speciaalzaken. Nadat in 2014 de omzetdaling al een halt was toegeroepen, steeg de omzet vorig jaar, mede dankzij een goede decembermaand, met 1,5 procent.

Nog een bemoedigend signaal

Er is nog een tweede bemoedigend signaal: in sommige categorieën neemt het aantal speciaalzaken toe. Zo telde Nederland eind vorig jaar 891 viswinkels en dat zijn er tien meer dan begin 2013. Het is allesbehalve een spectaculaire toename, maar het is een een begin. ABN Amro denkt dat het hier niet gaat om een tijdelijke opleving. De bank rekent voor dit jaar op een stabiele of licht stijgende omzet van 0,5 procent voor foodspeciaalzaken en voor 2017 en 2018 op een omzetgroei tot 0,5 procent.

Toenemende leegstand en krimpende bevolking

Dat is weliswaar niet veel, maar dat heeft alles te maken met het feit dat er de komende jaren nog de nodige speciaalzaken verdwijnen. Dat zijn winkels die niet meegroeien met de veranderingen, aldus de bank. ‘Ze volgen de ontwikkelingen in concurrerende kanalen niet en tonen weinig ondernemerschap en innovatie. Hun assortiment is onvoldoende onderscheidend en de winkels missen beleving, transparantie en een duidelijke boodschap’, aldus ABN Amro. Daar komt dan nog eens bij dat een deel van deze winkels is gevestigd in een winkelgebied met toenemende leegstand en een krimpende bevolking.

Foto: Roel Dijkstra

ABN Amro verwacht de opmars van voedselspeciaalzaken 2.0. Foto: Roel Dijkstra

Terug naar ambacht met persoonlijk gezicht

De speciaalzaken die overblijven, kunnen een gouden toekomst creëren, aldus ABN Amro. De bank spreekt in dit verband van voedselspeciaalzaken 2.0. Dat zijn winkels die heel verschillende ‘gezichten’ kunnen hebben, zegt Rob Morren, sector banker food bij ABN Amro. ‘Het kan gaan om slagers die uitsluitend kiezen voor vlees, maar het kan ook gaan om slagers die behalve vlees en vleeswaren ook kaas gaan verkopen of om speciaalzaken die zich helemaal richten op gemak en een mooi assortiment maaltijden verkopen. Ze hebben allemaal één gemeenschappelijke noemer en dat is dat ze allemaal terugkeren naar het ambacht met een persoonlijk gezicht. Consumenten kiezen daar weer voor. Het
onderscheid tussen goed en fout eten wordt helderder. Dat is gunstig voor de speciaalzaak; er komt meer waardering. Kijk ook naar de foodhallen, waar directe consumptie en consumtie voor thuis naadloos in elkaar overlopen.’

Reactie Jan Willem Grievink (directeur FSIN)

Jan-Willem Grievink

Jan-Willem Grievink

‘Ik ben er niet zo van overtuigd dat het weer de goed kant op gaat met de speciaalzaken. Ik verwacht eerder het tegendeel en zie de komende jaren de omzet verder dalen. De uitzondering zijn de speciaalzaken die het woord speciaal op een goede manier weten in te vullen. Dan praat je over betere kwaliteit, ambachtelijke producten maar ook over het bedienen van de consument op ander plekken. Denk aan de horeca of denk aan bezorging. Het vervagen van de grenzen tussen de verschillende foodkanalen is in principe ongunstig voor de speciaalzaken, behalve voor degenen die zelf blurring in de praktijk brengen. Daarvan heb je op verschillende plaatsen prachtige voorbeelden.

Verschuiving van donkergroene naar lichtgroene klant

Het is voor speciaalzaken zeker gunstig dat consumenten kritischer worden als het om eten en drinken gaat. Je ziet het in de opkomst van biologisch, maar de speciaalzaak van de toekomst is niet per se biologisch. Er is veel meer sprake van een verschuiving van de donkergroene naar de lichtgroene klant. De ondergrens van gezond en eerlijk eten schuift op. Dat proces is al veel langer aan de gang in de VS of Engeland en zie je nu dus ook in Nederland. Dat gaat overigens niet van de ene op de andere dag. Er zit nu eenmaal altijd een groot tijdgat tussen wat mensen roepen en wat er in de praktijk gebeurt.’

Reageer op dit artikel