artikel

Kritische klanten willen grip op eigen voedsel

Achtergrond

Kritische klanten willen grip op eigen voedsel

Met het gezamenlijk starten van een klein gemengd bedrijf krijgen de deelnemers aan Herenboeren volledig grip op de voedselketen. Ze zetten grote vraagtekens bij het huidige voedselsysteem, waarin de supermarkt binnen de keten een belangrijke rol speelt.

Ze willen geen supermarktmijders worden genoemd, maar wel kritische klanten. De deelnemers aan Herenboeren blijven gewoon bij Albert Heijn en Jumbo komen, maar willen wél zelf meer grip krijgen op de voedselproductie. Voormalig medewerker Geert van der Veer van landbouworganisatie LTO is daarom begonnen met ‘Herenboeren’. Op dit moment heeft hij 70 huishoudens uit Boxtel, Vught en Sint-Michielsgestel zover gekregen dat ze gezamenlijk een eigen boerderij zijn begonnen en zelf hun voedsel verbouwen. Op verschillende plekken in het land krijgt het initiatief navolging.

Veel klanten maken in de winkel toch een andere keuze

Van der Veer ziet al jaren dat Nederlandse burgers de mond vol hebben van duurzaamheid, biologisch en verantwoord. Maar op het moment dat diezelfde burgers consument worden en de supermarkt binnenstappen, ligt het een stukje genuanceerder. ‘Dan kiezen ze toch vaak voor dat goedkopere stukje vlees’, zegt Van der Veer. Hij wil burgers en consumenten bij elkaar brengen en verenigingen in een en dezelfde persoon. ‘Dat kan door hem zelf zijn voedsel te laten produceren. We maken een klein beginnetje met een verandering van onze voedselketen’, relativeert Van der Veer.

Coöperatieve boerderij geeft klanten weer controle

Bij het in december 2015 van start gegane Herenboeren investeren deelnemers €2000. Voor dat bedragen worden zij deels eigenaar van de coöperatieve boerderij, die gelegen is in Boxtel-Noord. Van der Veer: ‘Meewerken op de eigen boerderij mag, maar dat is geen verplichting. We zien wel dat het veel gebeurt. Mensen zijn zo betrokken bij hun het bedrijf, dat ze ook zelf wat willen doen in de appelgaard, waar 12 verschillende appelrassen verbouwen, of bij het voeren van de Limousin-runderen.’

Herenboeren03

Geert van der Veer: ‘Wij zijn niet per se tégen de supermarkt.’

Boerderij zorgt voor 60 procent wekelijkse behoefte agf en vlees

De coöperatie heeft inmiddels een boer in dienst genomen die, volgens Van der Veer, de deelnemers gaat voorzien van circa 60 procent van de wekelijkse behoefte aan vlees, aardappels, eieren, groenten en fruit. Voor de overige 40 procent zijn zij nog wel aangewezen op andere kanalen. ‘Dat kan de supermarkt zijn, want wij zijn niet per se tegen. Die indruk bestaat misschien bij de buitenwacht. Zelf doe ik er ook gewoon mijn boodschappen. Wel willen we graag een discussie starten en aantonen dat het met de voedselproductie niet altijd goed gaat. Neem de vleesaffaire van enkele jaren geleden. Paardenvlees werd vermengd met rundvlees en werd als rundvlees verkocht bij supermarkten, horecabedrijven en slagers. Niet per se ongezond, maar het klopt niet. Door de voortdurende strijd om marges, prijsverlagingen en massaproductie zijn we in een systeem gegroeid waarvan in mijn ogen de onderkant – lees: de boeren – failliet is. Primaire producenten kunnen hun bedrijf in deze tijd eigenlijk niet meer fatsoenlijk overeind houden. Hypothecaire leningen verbloemen veel.’

Bij meer dan 200 deelnemers komt er een tweede boerderij

Dus is Van der Veer de eerste Herenboerderij begonnen, genaamd Wilhelminapark. Op een grondgebied van 100 hectare zijn op dit moment 3000 fruitbomen te vinden, een paar honderd kippen, 50 varkens en 40 Limousinrunderen. ‘Meer is op deze oppervlakte niet mogelijk. Dan doe je geen recht aan de natuur. Wanneer er zich meer dan 200 huishoudens aanmelden, zullen we een nieuw bedrijf moeten beginnen op ander grondgebied’, zegt Van der Veer. Deelnemers kunnen de producten op de boerderij ophalen, of laten brengen door een van de deelnemers en Van der Veer denkt aan het plaatsen van afhaalpunten her en der in Boxtel.

Herenboeren01

Een aantal deelnemers aan Herenboeren is ook zelf actief op de boerderij. Dat is echter geen verplichting.

Herenboeren breidt uit naar andere regio’s

Het is zeker dat het initiatief op meer plekken in het land navolging krijgt. In elk geval in Dordrecht en Weert gaat Herenboeren boerderijen openen. ‘Zelf kan ik het al niet meer aan om overal uitleg te geven. In verschillende regio’s hebben we zogeheten kwartiermakers die Herenboeren in hun gebied uitrollen. Deze mensen komen eerst op de Herenboerderij in Boxtel voor uitleg, waarna de voorlichtingsavonden in de eigen regio plaatsvinden. Ons doel is om 100 van deze boerderijen gerealiseerd te hebben in de komende 10 jaar.’

Herenboeren Nederland verzorgt ondersteuning

Alle expertise om te komen tot een Herenboerderij en de exploitatie is verenigd in Herenboeren Nederland. Er is ondersteuning mogelijk op het gebied van communicatie, automatisering, onroerend goed zaken, certificeringsprocessen, teeltplannen, regelgeving en voedselveiligheid. In de eerste fase wordt kennis verzameld over het Herenboerenconcept, via de website, een filmpje en eventueel is een prospectus op te vragen. Wanneer een groep van 6 tot 8 mensen interesse heeft, is Herenboeren Nederland bereid om een toelichting te komen geven. Blijft er interesse, dan wordt een rechtsvorm opgericht. Van der Veer: ‘In de vijfde en laatste fase, wanneer er ongeveer 200 huishoudens meedoen, kan de Herenboerderij daadwerkelijk van start.’

Herenboeren02

‘Ook supermarkten kunnen een rol spelen in Herenboeren.’

Veel mis met het huidige systeem rond voedsel

Gezamenlijk besluiten de deelnemers vervolgens welke producten worden geproduceerd en geteeld op hetgemengde, kleinschalige agrarische bedrijf. Van der Veer: ‘Ze zijn mede-eigenaar van de boerderij, bepalen dus wat er wordt verbouwd en ze nemen periodiek tegen betaling vlees, groenten, fruit en eieren af.’ Hoewel Van der Veer benadrukt dat hij niets tegen supermarkten heeft, vinden hij en zijn medestanders wel dat er iets moet veranderen aan de wijze waarop het voedsel geproduceerd wordt. ‘Er is nogal wat mis aan het systeem. Neem alleen maar de voedselverspilling in supermarkten. Die hebben wij hier niet. Ook het vlees in het supermarktschap heeft, los van de affaires die we hebben gehad, natuurlijk niet de gewenste kwaliteit. Er zit te veel water in. Ook is veel voedsel bewerkt en dat is tegennatuurlijk.’ Met Herenboeren denkt Van der Veer – weliswaar op kleine schaal – iets te kunnen doen aan deze onnatuurlijke elementen die de keten herbergt. De boer, die in dienst is van de coöperatie, verzorgt als vakman de dieren en teelt de producten. De boer is in dit geval Geert van der Bruggen, die op dit moment dus 70 gezinnen als werkgever heeft.

Supermarkten kunnen ook een rol krijgen

Van der Veer benadrukt dat ook supermarkten een rol kunnen gaan spelen in Herenboeren, al weet hij zelf niet precies hoe. ‘Ik sluit niet uit dat ze onze producten gaan verkopen, wellicht met het logo Wilhelminapark op de verpakking’, oppert hij. Het initiatief van Van der Veer doet wat denken aan het groeiende aantal voedselcollectieven, die bedoeld zijn om de supermarkt te omzeilen. Consumenten en telers regelen samen deze alternatieve vorm van voedseldistributie. ‘Er zijn overeenkomsten, maar een groot verschil is wel dat wij volledig grip hebben op onze productie. We bepalen zelf hoe en wat en dat is bij de voedselcollectieven niet helemaal het geval.’ De leden van een collectief kopen biologische producen rechtstreeks bij telers, binnen een straal van zoveel kilometers rond de verkoopplek. Ze hebben geen invloed op de productie.

Ook consumenten zijn schuldig aan de misstanden

De naam ‘Herenboeren’ is ontstaan in de 18e eeuw. Herenboeren van toen hadden personeel in dienst om hun boerderij draaiende te houden. Net zoals de huidige deelnemers in Boxtel nu een boer als personeel in dienst hebben om het eigen voedsel te laten verbouwen. ‘Het is nodig want er mankeert veel aan de voedselketen. Daar zijn supermarkten, banken, de politiek, producenten en ook wij consumenten zelf schuldig aan’, besluit Van der Veer.

Aandeel kritische klanten groeit

Nederlanders consumeren vaker maatschappelijk bewust. Zo is het percentage consumenten dat kiest voor de koop van een bepaald product om duurzaamheids-, ethische en/of politieke redenen gestegen naar 33 procent.

Percentage buycotters groeit

In 2002 lag het percentage ‘buycotters’, die bijvoorbeeld fairtradekleding kopen, nog op 26 procent. Ook het omgekeerde, het boycotten van een product, wordt door meer mensen gedaan, inmiddels 15 procent van de consumenten. In 2002 was dat nog maar 10 procent. Dit blijkt uit de studie Kiezen bij de Kassa die het Sociaal en Cultureel Planbureau eerder dit jaar publiceerde.

Supermarkten grootste motor achter verandering

Het aantal flexitariërs (mensen die minder vlees eten zonder vegetariër te worden) is gestegen van 70 naar 77 procent. Ook stijgt de vraag naar biologische producten exponentieel. Supermarkten zijn de grootste motor achter die ontwikkeling, zegt directeur Bavo van den Idsert van Bionext, de ketenorganisatie voor duurzame, biologische landbouw en voeding in Nederland. ‘Ik ga er vanuit dat biologische ketens na een dip in 2014 de weg omhoog weer hebben weten te vinden en ik denk dat biologisch in de horeca en catering nog een slag zullen maken, maar dat laat onverlet dat het belangrijkste deel van de groei van biologisch voor rekening van supermarkten komt.’

ABN Amro rekent op flinke groei bio

Het Economisch Bureau van ABN Amro berekent dat de uitgaven aan biologisch voedsel in Nederland de komende vijf jaar met gemiddeld 7 procent zullen toenemen. ABN Amro rekent voor 2020 op een biologische omzet van €1,6 miljard.

Reageer op dit artikel