artikel

Hoogleraar De Vet wil consument gezonder laten kiezen

Interview

Hoogleraar De Vet wil consument gezonder laten kiezen

Vijf miljoen Nederlanders lijden aan een chronische ziekte. Veel van die ziektes, zoals hart- en vaatziekten en obesitas, worden veroorzaakt door een ongezond eetpatroon. Om dat te doorbreken, is een gedragsverandering bij consumenten nodig. Dit zegt de eind november aan Wageningen Universiteit benoemde hoogleraar Gezondheidscommunicatie en Gedragsverandering Emely de Vet. Supermarkten kunnen volgens haar helpen bij zo’n gedragsverandering. ‘Ik zou er graag in supermarkten onderzoek naar doen.’

Het verleidelijke, overdadige en in het oog springende aanbod aan vet-, suiker- en zoutrijke producten maakt het voor consumenten moeilijk om een gezonde keuze te maken, stelt Emely de Vet. Veel mensen willen best gezonder eten en weten ook wat goed en wat niet goed voor hen is. Vanuit de verre oudheid hebben mensen echter een hang naar calorierijke producten. Die waren immers noodzakelijk om te overleven in een tijd dat voedsel schaars was. Die voorgeprogrammeerde voorkeur is een belangrijke oorzaak van verkeerde keuzes. Daarbij helpt het niet dat het aanbod enorm is toegenomen. ‘Het assortiment levensmiddelen is verbreed tot tienduizenden producten. Bovendien kun je op iedere straathoek eten krijgen. De verleiding is groot. Dat maakt het maken van een gezonde keuze niet makkelijker.’

Weten consumenten wel welke producten gezond en ongezond zijn?

De Vet: ‘Ze weten niet precies wat er in elk individueel product zit, maar ze weten dat het gezonder is om groente en fruit te eten en dat het verstandig is het schap met de chips links te laten liggen. Het lukt alleen niet daar altijd naar te leven.’

Waarom niet? Je kunt toch voldoende gezonde producten in de supermarkt vinden?

‘Als je een beperkt budget hebt, wekt dat keuzestress op. Als je het ene product koopt, kun je niet meer product twee kopen. Door het steeds moeten maken van die keuzes en
afwegingen, gaan mensen impulsiever handelen. Ze komen in een mindset waarin je gevoeliger bent voor verleidingen. Dan wordt toch vaker voor ongezonde producten gekozen. We hebben mensen in zo’n mindset gebracht en door de supermarkt gestuurd. Toen bleek dat ze gevoelig waren voor een kleine banner bij een product. Daar stond op dat dit het meest gekochte product in die categorie was. Veel mensen kozen voor dat product met de gedachte: als een ander het koopt, zal het wel goed zijn. Je kunt dus sturen met signalen.’

Is het niet makkelijker om al het ongezonde voedsel uit de supermarkt te verbannen?

‘Nee, ik ben niet van de school die supermarkten de schuld geeft, ze bieden genoeg gezonde producten. Met nudging, zachte dwang, kun je consumenten andere, gezonde keuzes laten maken. Er is Amerikaans onderzoek waarbij een lijntje in het winkelkarretje was getrokken. Als je het tot daar vulde met groente en fruit, had je voor een bepaald aantal personen en dagen genoeg gezonde producten gekocht om aan de richtlijnen voor gezonde voeding te voldoen. Dat werkte. Als zoiets vervolgens inslijt, maken mensen uiteindelijk intuïtief en automatisch de gezonde keuze.’

Waarom lukt dat nu niet?

‘We geloven dat we nadenken over wat we kiezen als we voor een schap staan, maar dat is niet zo. De meeste voedingskeuzes ontstaan min of meer onbewust zonder er al te veel bij stil te staan. Wat in het midden of op ooghoogte staat, is goed. Of wat anderen kiezen, zal wel de verstandige keuze zijn. Daarnaast zijn er prikkels waarop we reageren, zoals kleurrijke verpakkingen. Ook voedingsmiddelen die veel suiker of vet bevatten, trekken snel onze aandacht. Zoals ik al eerder zei, hebben we daar een natuurlijke voorkeur voor.’

Hoe zijn klanten dan toch verleiden tot een gezonde keuze?

‘Je kunt bijvoorbeeld gezonde producten bij de kassa zetten, in plaats van ongezonde. Of je zou ervoor kunnen kiezen om bij het schap met snoep ook snoepgroente als Pick & Mix aan te bieden. Als dat er net zo aantrekkelijk en kleurrijk uitziet als snoepgoed, kun je wellicht mensen verleiden een zakje te vullen. Dat kleurrijke is immers wat ongezonde verleidingen ook zo aantrekkelijk maakt. Een met voetstappen aangegeven route langs gezonde dagelijkse boodschappen zou ook kunnen helpen. Ik zou er graag onderzoek naar doen in supermarkten.’

Kan dat dan niet?

‘Een enkele franchisenemer laat ons wel eens toe, maar het lastig om ketens bereid te vinden. Ik zou al blij zijn met een winkel waar we kleine aanpassingen mogen maken. En dan monitoren wat dat doet met de keuzes die klanten maken. Het gaat om kleine dingen, een banner plaatsen, of variëren met de schappen en de hoeveelheden daarin. Wat doet bijvoorbeeld het zelf snoep scheppen? Daar zouden we heel veel data uit kunnen halen. Hoe kiezen klanten en hoe kun je er dan eventueel voor zorgen dat ze niet zwichten voor de verleiding, maar de gezonde keuze maken.’

Kan zachte dwang, zoals het Vinkje of een stoplichtsysteem, helpen?

‘Ik ben geen voorstander van een stoplichtsysteem. Dat werkt verwarrend. Vier groene symbolen en een rood symbool geven het idee dat iets gezond is, terwijl zo’n product heel
ongezond kan zijn, omdat het veel suiker bevat. Je loopt bij het stoplichtsysteem tegen dezelfde problemen aan als het Vinkje had. Het Vinkje had wel kunnen werken. Het geeft mensen de mogelijkheid een snelle keuze te maken zonder het complete etiket te lezen. Het was echter niet goed geïmplementeerd. De twee Vinkjes maakten het onduidelijk.
Bovendien konden producten die niet in de Schijf van Vijf passen, wél een Vinkje krijgen. Daarnaast was er een financiële drempel waardoor niet alle producten en producenten
eraan meededen. Dat zorgde voor kritiek en daar is het uiteindelijk ook aan ten onder gegaan. Als je het Vinkje zou aanpassen, met alleen producten uit de Schijf van Vijf, zou het beter kunnen werken. Wat de minister nu voorstelt, een app, dat werkt volgens mij niet. Een consument gaat geen vijf producten scannen met ziin telefoon om te vergelijken. Bovendien kan het alleen maar een succes worden als een groot deel van de voedingsmiddelen in een database zitten, anders valt er niks te vergelijken. Daar wordt nog lang niet aan voldaan.’

Er wordt ook wel gepleit voor een suiker- en vettaks…

‘Ik zou een suiker- en vettaks niet inzetten. Het verhoogt de prijs marginaal en kleine prijsveranderingen hebben maar  beperkt effect. Als de prijs er wel fors door zou stijgen, treft dat mensen die het financieel toch al lastig hebben. Die worden onrechtvaardig hard getroffen. Het zou zo maar kunnen dat ze door de keuzestress die dat veroorzaakt, nog minder gezonde producten kopen. Als de overheid per se wil ingrijpen, zie ik eerder iets in het voorschrijven van een bepaald percentage gezonde producten in iedere categorie. Dat gebeurt vrijwillig in het project De Gezonde Schoolkantine, waarbij bijvoorbeeld de gezonde producten in snackautomaten de meest prominente plek hebben. Je moet het consumenten vooral makkelijker maken om een gezonde keuze te kunnen maken.’ 

Reageer op dit artikel