artikel

‘Meer dan voldoende potentieel voor Plus’

Interview

‘Meer dan voldoende potentieel voor Plus’

UTRECHT – Plus heeft opnieuw een goed jaar achter de rug. De consumentenomzet van de coöperatieve supermarktketen groeide met 3,7 procent (52 weken) tot €2,26 miljard.

Daarmee presteerde Plus voor het derde achtereenvolgende jaar beter dan de markt die in 2016 met 2,8 groeide. Die groei wordt voor het grootste deel gerealiseerd door de ombouw van de winkels naar de Briljant-formule. Dat proces loopt naar het einde toe, maar topman Jan Brouwer ziet nog voldoende ruimte voor autonome groei. ‘Wij hebben ons potentieel nog lang niet benut.’

Ruim drie jaar staat Jan Brouwer nu aan het roer bij Plus. En al die jaren kan hij mooie cijfers overleggen. Met dank aan de Briljant-formule. Maar Brouwer heeft ook het prijsprofiel van Plus de afgelopen jaren behoorlijk aangescherpt en dat legt de formule geen windeieren. De ondernemers profiteren ervan. Bij de presen-
tatie van de jaarcijfers vorig jaar zei Brouwer dat de gemiddelde marge van de ondernemers de afgelopen jaren met 0,9 procent was gegroeid. In euro’s bedroeg de toename zelfs 54 procent.

Schip op koers

Dit keer rept hij niet over de marge van de ondernemers, maar spreekt hij over het algemene beeld dat de cijfers laten zien. ‘Er is niet één aspect dat ik eruit zou willen lichten. Voor mij telt vooral dat het schip op koers ligt. We hebben twee jaar geleden een strategie ontwikkeld, waarin we de intentie hebben uitgesproken dat we de beste supermarkt van Nederland willen worden. Om dat te realiseren, waren forse investeringen nodig. Als ik kijk waar we nu staan, zie ik dat we op de goede weg zijn.’

Hoe kan Plus het groeitempo de komende jaren
vasthouden?
‘We kunnen nóg beter en sterker worden. We hebben nog 37 Plus-winkels die moeten worden omgebouwd naar onze Briljant-formule. De praktijk leert dat die ombouw tot forse omzetstijgingen leidt. Daarnaast zullen we online groeien. Eind vorig jaar zaten we met online op een omzetaandeel van 2 procent; ik verwacht dat we dit jaar naar de 3 procent toe zullen gaan. En met de investeringen in de ict en logistiek die we hebben aangekondigd, leggen we een stevig fundament voor verbeteringen in de komende jaren.’

Is online voor Plus al een winstgevende activiteit?
‘Nee, maar ik vind dat we online niet als een geïsoleerde activiteit moeten bekijken. We praten toch over 10 tot 15 procent van de klanten die al wel eens online bestellen. Er staat dus nogal een fors onderdeel van je omzet op het spel. Uiteindelijk gaat het toch om de mix die je realiseert. Er is in de supermarkt wel op meerdere terreinen sprake van verlieslatende activiteiten. Denk maar eens aan de emballage, de koffiehoek of de verkoop van bepaalde segmenten binnen zuivel.’

Plus heeft in november de nieuwe Briljant 2.0 formule geïntroduceerd? Bent u tevreden over de eerste resultaten?
‘Het ziet er voorlopig veelbelovend uit. De omzet is, mede dankzij de toevoeging van het aantal vierkante meters van onder de €200.000 tot boven de €250.000 gestegen. De winkel trekt ook 25 tot 30 procent meer klanten. De eerste klantenonderzoeken laten bovendien zien dat consumenten het een prettige en moderne winkel vinden. Over de Makerij ben ik niet ontevreden. Tegelijkertijd is het een afdeling die lastig te managen is. Medewerkers op die afdeling moeten nog een stap maken. Ik had verwacht dat het makkelijker zou zijn om te wennen aan de manier van werken die de Makerij met zich meebrengt.’

Jan Brouwer: ‘Het schip ligt op koers’

Kunt u zich voorstellen om de Makerij in concessie te geven?
‘Ik denk dat het maken van soep of het ‘toppen’ van een pizza geen activiteiten zijn die je in concessie hoeft te geven. We zitten in een leerproces en moeten geduld hebben. Ja, bij een sushicounter kan ik me voorstellen dat je die in concessie geeft. Dat is risicovoller.’

Worden er in IJsselstein bij de opening van de tweede Briljant 2.0 ook nog veranderingen doorgevoerd in de formule?
‘De broodverkoop wordt anders. We gaan in IJsselstein meer vers brood voorsnijden. In Abcoude wordt ons Korenlandersbrood alleen in bediening gesneden en verkocht. In IJsselstein wordt er gedurende de dag telkens een beperkte voorraad voorgesneden en in zelfbediening verkocht. Klanten hoeven dus niet meer te wachten. Daarnaast komt in IJsselstein de slijterij in de winkel, hebben we een ander plafond en vloertegel en hebben we de openingstijden gelijkgetrokken met die van buurman Aldi.’

Wat leert Plus van Beej Benders?
‘Het is op de eerste plaats natuurlijk een prachtige on-Nederlandse markthal. De eerste resultaten laten zien dat het concept meer wordt gedragen door horeca dan ik dacht. De omzetaandelen van de horeca en de retail liggen op 40, respectievelijk 60 procent. Ik had meer retailomzet verwacht. Vooralsnog is het een concept met hoge bezoekersaantallen en lage gemiddelde besteding.’

Plus Supermarkt Koot in Abcoude

Van de 261 Plus-supermarkten heeft Plus er 31 in de 20 grootste steden. Is Plus niet een plattelandsformule?
‘Het klopt dat wij ondervertegenwoordigd zijn in de grote steden. Maar in de overige marktgebieden zijn we uitstekend vertegenwoordigd en presteren we ook prima. De ondervertegenwoordiging in de grote steden baart me absoluut geen
zorgen. Natuurlijk zou ik graag in grote steden meer winkels hebben, maar het heeft geen prioriteit. We moeten eerst de winkels die we hebben zo sterk mogelijk maken en enkele winkels zonder perspectief sluiten.’

Heeft Plus voldoende concurrentiekracht in de strijd met grootmachten AH en Jumbo?
‘Zeker. Ik denk dat onze concurrentiekracht aanzienlijk is verbeterd. We hebben ons commerciële beleid aangescherpt: ons prijsimago is verbeterd, ons promotiebeleid geïntensiveerd en de acties zijn scherper geworden. Tegelijkertijd
hebben we de winkels gemoderniseerd. Dat wil niet zeggen dat we er al zijn. Drie jaar geleden hebben we berekend dat we minimaal 10 procent in omzet konden groeien zonder ook maar één extra winkel te openen of vierkante meters toe te voegen. Die som kunnen we nog steeds maken. Plus heeft nog altijd een enorm onbenut potentieel. We kunnen nog groeien in onze primaire marktgebieden. Plus heeft met €165 een relatief lage vloerproductiviteit. Overigens wil ik daar wel onmiddellijk aan toevoegen dat dat niets zegt over de rentabiliteit van die winkels. Dankzij onze coöperatieve structuur krijgen onze ondernemers jaarlijks hoge afname-bonussen, over 2016 zelfs 3 procent.’

Met de logistieke plannen die recent zijn bekendgemaakt, lijkt Plus te kiezen voor optimalisering van de achterkant van de winkels. Wordt de voorkant even naar het tweede plan geschoven?
‘Nee, het is én-én. We zijn bijvoorbeeld volop bezig met de doorontwikkeling van Briljant 2.0 waarvan er dit jaar nog vier tot vijf winkels bij komen. Daarnaast bouwen we de resterende ruim 30 Plus-winkels nog om naar Briljant en zijn we bezig met het verder ontwikkelen van de e-commerceactiviteiten. Er is dus geen sprake van minder aandacht voor de voorkant. Het is wel zo dat we aan de achterkant slagen moeten maken. Ons huidige logistieke netwerk biedt geen zicht meer op verder voordeel en dus waren we gedwongen rigoureuze maatregelen te nemen als we competitief willen blijven. En we nemen geen onverantwoorde risico’s. Met het nieuwe dc dat we in Tiel bouwen, kiezen we voor technologie die zich in de praktijk heeft bewezen. We zijn in Oslo bij Coop geweest en bij Edeka in Landsberg. Daar draait die technologie al en dat gebeurt naar volle tevredenheid. De voordelen zijn talrijk. Door de keuze voor Tiel kunnen leveranciersbewegingen ook ’s nachts plaatsvinden. De vraagvoorspelling wordt veel beter en daarmee de goederenstroom beter beheersbaar. De kosten per colli dalen met een derde. Daar profiteren formule en ondernemers straks ook van.’

Sinds vorig jaar is C1000 definitief uit het straatbeeld verdwenen. Heeft Plus kunnen profiteren van het verdwijnen van die formule?
‘Weinig. We hebben natuurlijk ook maar negen C1000-winkels overgenomen. Hoewel het in het begin misschien wat moeizaam is gegaan met de omzetontwikkeling van de omgebouwde winkels, is het merendeel van de C1000-klant toch bij Jumbo, Coop en AH terechtgekomen.’

Had Plus als landelijk opererende formule niet in het gat moeten springen dat door het verdwijnen van C1000 ontstond?
‘Ik vind dat wij ons promotie- en actiebeleid al behoorlijk hebben aangescherpt.’

Hier en daar hoor je wel eens dat Brouwer Plus beetje bij beetje van groen naar rood aan het ombouwen is. Wat vindt u daarvan?
‘Mooi rood is niet lelijk. Maar het hart van Plus is groen.’

Aldi heeft A-merken ingevoerd, Lidl gaat het doen. Worden beide formules daarmee grotere concurrenten van Plus?
‘Ik denk dat het aantal A-merken bij de discounters voorlopig beperkt zal blijven. Ik heb tot nu toe ook nog geen grootschalige effecten op onze omzet bespeurd. Plus heeft voldoende wapens om de concurrentie met Aldi en Lidl aan te kunnen.’

Wat baart u het meeste zorgen in de branche?
‘Het innovatietempo bij de grote leveranciers. Dat laat hier en daar te wensen over. We kunnen niet meer leunen op leveranciers zoals in het verleden wel gebeurde. Dat betekent overigens niet dat we minder zaken met hun zouden willen doen. We hebben niet voor niets category-champions. Er zit nog altijd veel knowhow bij de A-merkfabrikanten. Het biedt ons de gelegenheid ons te onderscheiden van de discounters en soms ook van AH omdat die bepaalde merken niet voert. Maar tegelijkertijd beseffen we dat we als retailer zelf aan de bak moeten. Ons eigen innovatietempo opvoeren. Ik heb daar wel vertrouwen in. Supermarkten hebben de afgelopen jaren bewezen prima te kunnen omgaan met moeilijke marktomstandigheden. We zitten al jaren in een markt die niet of  nauwelijks groeit.’

Wat baart u het meeste zorgen als het gaat om de toekomst van Plus?
‘Daar maak ik mij geen zorgen om. Het schip ligt uitstekend op koers en met de investeringen die we nu doen, versterken we onze positie voor de nabije toekomst.’

Plus was jaren geleden een formule met lef. De formule koos voor uitsluitend fairtrade bananen, gaf veel ruimte aan biologisch en lokale/regionale producten. Die houding lijkt een beetje verloren geraakt.
‘Er is wel degelijk veel gebeurd hier. Onze ondernemers hebben juist de laatste jaren veel geïnvesteerd in vernieuwing van hun winkels. En we hebben bij Plus in 2016 maar liefst 32 ondernemerswisselingen gehad’

Kunt u zich voorstellen dat Plus als eerste supermarkketen besluit om uit gezondheidsoverwegingen geen sigaretten meer te verkopen?
‘Niet onder mijn leiding. Natuurlijk moet je meebewegen met trends en ontwikkelingen, maar het succes van een supermarkt rust nog altijd op drie pijlers: kwaliteit van de locatie, kwaliteit van de formule en de kwaliteit van de ondernemer. Niet door allerlei drastische en impulsieve maatregelen. En vergis je niet. Als je kijkt naar gezondheid en kwaliteit vind ik dat supermarkten de laatste enorme sprongen voorwaarts hebben gemaakt. Kijk eens naar het assortiment kaas dat we verkopen, kijk eens naar vis, sushi, het versaanbod of de kant-en-klaarmaaltijden. Tien, vijftien jaar geleden had je de blikken van Struik. Kijk eens naar wat er nu allemaal in de supermarkt ligt. Het is veel beter van kwaliteit, beter geportioneerd en een stuk gevarieerder.’

Was u verbaasd over het bod van Kraft Heinz op Unilever?
‘Ik had het inderdaad niet verwacht. Maar het maakt in ieder geval duidelijk dat de Angelsaksische cultuur nog altijd nadrukkelijk aanwezig is. Ik ben niet zo’n aanhanger van die eendimensionale focus op de aandeelhouderswaarde. Verder beschouw ik het maar als een wake-upcall voor Unilever.’ 

Reageer op dit artikel