artikel

Interview: Joost Rietveld over de anti-verspil-app Too Good to Go

Interview Premium

Interview: Joost Rietveld over de anti-verspil-app Too Good to Go

Joost Rietveld werkte vijf jaar in Denemarken voor Nestlé en ontdekte daar de app Too Good to Go, een app die verspilling tegengaat. ‘Of we winst maken? Daar draait het niet om. Het gaat om de wereld beter te maken.’ De eerste Albert Heijn-franchiser is ondertussen ingestapt, net als een paar Ekoplaza- en Spar City- vestigingen.

Vijf jaar werkte Joost Rietveld in Denemarken voor Nestlé Foodservice. Hij vertrok met het diploma van de hotelschool op zak. ‘Toen liep ik nog in tdv (tenue de ville, een pak, red.), dat is inderdaad wat anders dan nu.’ We spreken Rietveld in het oude Paroolgebouw aan de Wibautstraat. Het is nu een bedrijfsverzamelgebouw met werkruimte voor startups. Voor het pand een terras, horeca loopt naar binnen toe naadloos over in werk. Rietveld loopt in korte broek en sneakers, de wereld steekt voor hem nu anders in elkaar dan toen. ‘Ik liep in Denemarken tegen Too Good to Go op (zie kader). Ze hebben daar een eigen kijk op voedsel, anders dan hier. De overheid heeft bijvoorbeeld een minister van voeding. Punt.’ Hij noemt ook een praktisch voorbeeld. ‘In een Deense supermarkt liggen kratten met knollen en wortels, in Nederland zie je een enorme glazen wand met allemaal plastic zakjes. Daar hebben we hier als consument om gevraagd. Maar het zorgt ook voor een enorme hoeveelheid verspilling.’ Volgens Rietveld biedt de app een oplossing. Het lost namelijk twee problemen op: de consumenten die niet wil bijdragen aan verspilling en de restaurants of winkels die niet willen weggooien. Het verdienmodel is simpel: Too Good to Go krijgt een fee op iedere Magic Box.

Je bent het initiatief in Nederland begonnen. Waar loop je tegenaan?

‘Vraag en aanbod. Je moet locaties hebben die voedsel aanbieden én je moet consumenten hebben die er gebruik van maken. Je zoekt continu de balans tussen die twee.’

In Nederland werken nu zeven mensen aan de app. Op de achtergrond spelen ‘investeerders’ een rol om de groei snel te kunnen verwezenlijken. De zeven mensen passen de app lokaal aan bijvoorbeeld aan de heersende wetgeving, maar ze zoeken ook actief naar locaties.

Jij bent de chef-app?

‘Inderdaad. Ik houd me bezig met de grote ketens, daar waar het complexer wordt. Ik ga, als we een nieuwe stad ingaan, ook mee om de eerste locaties aan te sluiten. We zijn begonnen in Amsterdam, zitten nu ook in Utrecht en Rotterdam. De applicatie kan heel snel worden uitgerold.’

Word er iemand rijk van?

‘Het is een ‘social enterprise’. De investeerders zitten er voor 100 procent in om de sociale betrokkenheid. Voor hen is het een heel klein projectje. Ze zien de waarde van de community, de groep, niet de opbrengst. De locatie kiest overigens voor de prijs. De mensen betalen in de app en wij houden de fee in zodat er al is afgerekend, maar wij ontzorgen vooral ook door de service aan te bieden.’

Wat is ‘Too good to go?’

De voor Nederland nieuwe app is een initiatief van een vijf jonge net afgestuurde Denen die ervan schrokken hoeveel voedsel en hoe vaak dit werd weggegooid in het buffetrestaurant waar ze aten. De oplossing is simpel: doe als supermarkt of restaurant wat over is in een doos of tas – de Magic Box – en laat klanten er via een app erop intekenen en alvast afrekenen. De klant betaalt rond de drie tot vijf euro en krijgt driemaal de waarde daarvan terug in de Box. Hij ziet op een kaartje het aanbod in de buurt. De supermarkt die mee doet betaalt een fee op die vier euro. In Nederland werken bedrijven als Ekoplaza, Stach, Spar City, AH Utrecht en het Vlaams Broodhuys al met de app. De app telt ruim 3,5 miljoen gebruikers in Denemarken, Noorwegen, Frankrijk, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, België en Zwitserland.

Zitten er grote ketens in dit project?

‘We werken in Europa bijvoorbeeld met Carrefour, hotelketen Accord, Coop Denemarken en Irma, ook een Deense supermarktketen.’

Krijgen supermarkten niet een enorme logistiek in de winkel als zij al die Magic Boxen moeten vullen?

‘Het begint bij de eerste stap: vindt een vestiging het tegengaan van voedselverspilling belangrijk of niet? Is het antwoord ja, dan volgt stap twee: het operationeel zo simpel mogelijk maken. Bij een supermarkt kijken wij naar personeel, openingstijden, noem maar op. We weten dat wij onderaan het lijstje staan van personeel, inkoop et cetera. Dus het moet niet te veel gedoe opleveren. Meestal gaat het ook niet om grote hoeveelheden. We hoeven geen grote volumes te draaien. Het gaat om het laatste beetje dat niet is verkocht. Vijf tassen is soms al veel voor een locatie. Sommige doen er 10. Als dat kan in de operatie is dat super, maar het hoeft niet. Bij een enorme logistieke operatie is de lol er snel af. Bij echt structureel meer overschot moet de supermarkt iets anders doen dan onze app toepassen, bijvoorbeeld 3 voor de prijs van 2. Wij bestaan nu twee jaar omdat het concept zo simpel in elkaar steekt en blijft steken.’

Een supermarkt heeft misschien wel 10.000 klanten in de week. Wat doen dan 5 tasjes per dag voor je imago?

‘Veel retailers kijken inderdaad naar hun derving als percentage van de omzet. Wij kijken alleen naar de totale verspilling en willen die terugdringen, dat is de insteek. Feit is dat steeds meer consumenten vragen wat er gebeurt met brood en salades als de winkel ’s avonds sluit. Die willen een antwoord. Het is ook geen verdienmodel, maar het levert wel 100 procent meer op dan dat je het in de prullenbak mikt. Overigens wij willen echt verspilling terugdringen, dat is onze missie. Wij willen geen simpele marketingtool zijn voor ketens.’

Wat is de winst voor de klant?

‘Klanten krijgen drie keer zoveel waarde als zij uitgeven. Zij kunnen ook inschatten wat zij krijgen. Bij een sushirestaurant is dat wat anders dan bij het Vlaams Broodhuys. Maar bij die laatste is de vraag wel of hij croissantjes krijgt of een wit bolletje. Dat is de magie.’

Hoe houd je controle op de kwaliteit?

‘De kwaliteit is goed bij ophalen, dat wordt gewaarborgd door de NVWA. Als je brood haalt bij de bakkerij is het heel goed mogelijk dat hetzelfde croissantje vijf minuten geleden nog werd verkocht aan een klant. Overigens, de gebruikers geven recensies aan ons. Wij kunnen dat terugkoppelen naar de winkels mocht het nodig zijn. De verantwoordelijkheid voor kwaliteit na aankoop ligt bij de consument.’

Bij supermarkten trekt dit koopjesjagers.

‘Dat is nu al zo bij de 35%-stickers en in snelle horeca staat soms een bordje ‘vanaf 17.00 uur voor 50 procent’. Een Magic Box is dan wat anders, positiever. Je verrast de mensen én je versterkt je imago als niet-verspiller.’

Hoeveel supermarkten doen mee?

‘Wij zijn op twee locaties bezig op twee locaties van Ekoplaza en vijf locaties van Spar City. Als je op één locatie met een ondernemer begint, dan heb je een ingang bij een formule. Overigens kijken wij zelf ook of de app relevant is, iets toevoegt op die locatie. Als dat niet zo is, dan even goede vrienden maar we doen het niet.’

Is er al gesproken met Zaandam, met de marktleider?

‘We hebben niet met Zaandam gesproken. Er is wel een pilot met AH Willem van Noortplein in Utrecht. Die winkel heeft al de beste dervingscijfers van Utrecht, maar heeft toch nog producten over voor de Magic Box.’

Wanneer maken jullie winst?

‘Eerlijk gezegd hebben we geen rekensom gemaakt van hoe groot potentieel de markt is. Ik weet dat er nu nul omzet is en dat de verspilling ook erg groot is. Ik reken op 1,5 à 2 jaar tot we winst gaan maken. Maar misschien zetten we er dan wel mensen bij ten koste van de winst. Het gaat er uiteindelijk om dat wij het verschil gaan maken. De waarde bij ons zal nooit zitten in de winst die dit bedrijf maakt. Het zal altijd zitten in de community. Overigens, wij zullen die community in ieder geval zeker niet vermarkten.’ 

Reageer op dit artikel