artikel

Financiering: klant betaalt fusie Odin

Interview Premium

Financiering: klant betaalt fusie Odin

Biologische supermarktketen Odin vaart een eigenzinnige koers op financieringsgebied. Zo rekent Odin voor het betalen van de recente fusie met biologische groothandel De Nieuwe Band niet alleen op de bank, maar ook op de klant. De formule zet het Fusiefonds op en wil in totaal met dit fonds een bedrag lenen tot €250.000. ‘Vanuit onze filosofie denken we dat het goed is dat we onze leden medeverantwoordelijk maken voor wat we aan het doen zijn.’

Klanten van Odin kunnen lid worden van de coöperatie. Deze leden hebben wel oren naar een aandeel in het Fusiefonds, zo blijkt. Nadat het fonds begin juni van start ging, is in vier weken tijd al €190.000 opgehaald en de teller loopt nog door. De rest komt ook wel, verwacht Odin-directeur Merle Koomans van den Dries. Deze nieuwe manier van fundraising voor een fusie past volgens Koomans helemaal bij de filosofie van Odin dat een nieuwe economie nodig én mogelijk is. ‘Het Fusiefonds maakt Odin minder afhankelijk van financiering door banken en stelt mensen in staat om te investeren zonder dat er met hun geld wordt gespeculeerd.’  Odin zet ook andere alternatieve financieringsmogelijkheden in om zijn bedrijfsvoering te financieren, zoals een voorraadfonds, een puntenspaarsysteem en participaties. Al deze investeringsvormen bieden rendementen van om en nabij de 3 procent en stijgen daarmee ver uit boven de rente op een spaarrekening bij een bank.

Het plan voor een Fusiefonds is dus geboren uit idealisme?

Koomans van den Dries: ‘De bank heeft gezegd: ‘Wij ondersteunen de fusie, de rekeningen worden omgezet, maar de extra kosten van de fusie dekken wij niet.’ Volgens de bank zouden we dat prima zelf kunnen bekostigen binnen de
kaders die al tot onze beschikking waren. Dat is ook wel zo, maar wij vonden dat zelf wel krap, want je weet nooit precies wat je tijdens een fusie tegenkomt. Je wilt niet superklem komen te zitten, want we doen deze transitie natuurlijk niet om over een heel klein drempeltje te struikelen. Toen bedachten we: waarom vragen we niet aan onze leden of ze ons tijdelijk willen ondersteunen? We zijn ervan overtuigd dat deze lening zichzelf terugverdient.’

Over welke kosten gaat het dan?

‘Allerlei kosten die we moeten maken om de fusie tot een goed einde te brengen. Denk bijvoorbeeld aan het omzetten van het ERP-pakket (automatisering, red.). We werken met twee verschillende pakketten, dus die moeten op elkaar worden aangesloten. Verder worden nieuwe functieprofielen opgesteld en wordt het salarishuis op elkaar afgestemd. Dit betekent allemaal extra werk, dus extra kosten. Daarnaast hebben we hier in Geldermalsen nog een stuk dkw staan. Dat gaan we verhuizen naar Marum, omdat we daar dkw willen concentreren. Dit betekent dat beide magazijnen moeten worden aangepast.’

Hoe bent u op het idee van een Fusiefonds gekomen?

Merle Koopmans van den Dries, directeur Odin

‘We konden ook snijden om financiële ruimte te creëren, maar dat leek ons, zeker in deze fase, niet de goede gedachte. We kennen al ledenfinanciering binnen onze coöperatie, we hebben bijvoorbeeld al een Voorraadfonds, waarbij leden onze voorraad tegen gunstige voorwaarden kunnen voorfinancieren, dus borrelde dit idee snel op. We hebben dit keer bewust gekozen voor een kortlopende lening met een maximum van €250.000, want meer hoeft het echt niet te zijn. Voor onze leden is het een goede regeling. Ze voelen zich meer verantwoordelijk voor ons bedrijf en bovendien levert het ook nog wat op. Bij de Triodos Bank, waar het grootste deel van onze klanten bij is aangesloten, krijg je 0 procent rente op je spaartegoed, bij andere banken is dat niet veel meer dan 0,10 procent. Bij ons krijgen ze 3 tot 3,5 procent, afhankelijk of de rente in geld of in boodschappentegoed wordt uitgekeerd. Ook voor ons heeft het Fusiefonds voordelen ten opzichte van lening bij de bank. Bij een bank hadden we ook moeten betalen. Bovendien stelt een bank eisen.’

Heeft u slechte ervaringen met banken?

‘Nee, helemaal niet. We zitten al sinds de start van ons bedrijf bij de Rabobank. In die 35 jaar heeft de Rabobank ons altijd gesteund, in goede en in slechte tijden. Daar is dus niks mis mee. Alle zakelijke transacties van onze winkels, daar is de Rabobank ontzettend goed in. We hebben dus geen aversie tegen de bank. Alleen, vanuit onze filosofie denken we dat het goed is dat we onze leden medeverantwoordelijk maken voor wat we aan het doen zijn. Eén van de manieren om dat te doen, is hen uitnodigen mede-eigenaar te worden en te vragen ontwikkelingen te steunen. Dat gebeurt ook op andere manieren, zoals bloembolletjes planten bij onze bijenkasten.
Het is voor de toekomst ook niet zo dat we niks meer met een bank te maken willen hebben, alleen de balans willen we aanpassen. Hoe vrijer we zijn, hoe beter het is. Begrijp me niet verkeerd, de controlerende functie van bank is wel goed. De bank heeft veel expertise, stelt goede vragen, zij maken goede branche- en trendrapportages waarmee we ons voordeel kunnen doen. Alleen willen we er niet van afhankelijk zijn. Daarom willen we de verhouding verleggen naar meer leden, minder bank.’

Hoe ligt die verhouding nu?

‘Het Fusiefonds is begin juni van start gegaan en nu zitten we al over de twee ton. Ook het Voorraadfonds loopt nog steeds op. Op dit moment staat de teller op €1,1 miljoen. Bij de bank hebben we een krediet van €1,8 miljoen. Dat is exclusief lease.’

Het Fusiefonds betreft een risicodragende lening. Als het fout gaat, zijn de leden alles kwijt. Hoe groot is dit risico?

‘We zijn een bedrijf en je loopt altijd risico. In theorie kan het fout gaan, maar dat is niet de bedoeling. We hebben twee moeilijke jaren achter de rug. Dit jaar zaten we als Odin weer goed, maar door de fusie hangt het erom. Het kan zijn dat we dit jaar niet helemaal goed uitkomen, maar dat is dan te wijten aan alle afleiding die we door de fusie onszelf op de hals hebben gehaald. Maar voor de toekomst zijn er door de fusie weer ontzettend veel kansen. Zo kunnen we een efficiencyslag maken in de logistiek en kunnen we de performance naar de klant verbeteren. De biologische speciaalzaak heeft het best zwaar. Wij kunnen daar bij helpen. Inkoopvoordelen, grote hoeveelheden, ondersteuning in promotie en automatisering. Er valt echt wat te winnen.’

Het besluit tot een fusie lag er al toen u begin juni naar buiten trad met het Fusiefonds. Is dat niet laat?

‘Eigenlijk was alles al in een eerder stadium rond, alleen moesten we nog wachten op de eigenaar van het pand van De Nieuwe Band. Die moest nog akkoord gaan met ons als de nieuwe huurder. Dat was pas begin mei toen daar een akkoord uitkwam. Toen konden we eigenlijk pas zeggen: ‘Dan gaat het nu beginnen’, om vervolgens het Fusiefonds in te richten. Ook dat moet je eerst voorbereiden, dus daar gaat wat tijd overheen. Dat is niet erg, want de fusie is niet van de ene op de andere dag geregeld. We nemen de tijd om dit goed te doen, dus kunnen we het geld de komende periode nog goed gebruiken.’

Dit betekent het lidmaatschap
Lid worden van Odin door een ‘participatie’ te kopen van €100. Naast deze participatie betalen de leden maandelijks een bijdrage. Voor één volwassene bedraagt dit €16, voor overige gezinsleden en studenten gelden gereduceerde tarieven. In ruil hiervoor betalen leden aangepaste prijzen in de winkel die 15 tot 20 procent lager liggen. Het maandbedrag is zo berekend dat wanneer een lid wekelijks tussen de €22 en €30 boodschappen doet, hij voordeliger uit is. Daarnaast kunnen leden meedoen aan uitstapjes, lezingen, rondleidingen, filmavonden en boerderijuitstapjes. Na de fusie legt Odin-directeur Merle Koomans van den Dries de nadruk op vers en online. ‘Of deze manier van financieren iets voor Coop zou zijn? Ja, ik denk het wel. Ik weet niet waarom het nu niet gebeurt’

Deze manier van financieren, is dat niet iets voor andere coöperaties, zoals Coop?

‘Ja, ik denk het wel. Ik weet niet waarom het nu niet gebeurt. Het grote verschil is, denk ik, dat de betrokkenheid van onze klanten bij onze winkels veel groter is. Ik heb wel eens naar hun model gekeken. Je kunt heel snel lid worden, terwijl daar voor de klant verder niet veel aan vast zit. De Coop heeft wel een mooie campagne waarin ze laten zien waar ze voor staan. Als ze dat verder uitbouwen, kunnen ze daar naar mijn idee veel meer mee doen. Maar goed, ik ben niet van de Coop.’

Zijn er mensen die lid worden om aan een dergelijke investering mee te kunnen doen?

‘Volgens mij was dat er precies één. Die was al klant en dit was net het laatste duwtje om lid te worden. Het Fusiefonds is ook niet bedoeld om leden te werven. Het is juist mooi als leden echt betrokken zijn bij je organisatie.’

Waarom fuseert Odin eigenlijk met De Nieuwe Band?

‘Kort gezegd komt het erop neer dat voor ons allebei gold dat we er beter van zouden worden wanneer we meer samen zouden doen. Eigenlijk is het ook helemaal niet onlogisch: De Nieuwe Band is net als Odin in 1983 opgericht, allebei werken we vanuit de coöperatiegedachte, allebei richten we ons op biologisch, waarbij bij ons nog iets meer de nadruk ligt op biologisch-dynamisch. We passen goed bij elkaar. Als Odin zijn we begonnen als groothandel, vervolgens gingen we over op groenteabonnementen, waarna we een jaar of 15 geleden een winkelorganisatie werden met eigen winkels. Dat vak hebben we moeten leren, maar gaandeweg hebben we ons steeds verder ontwikkeld en zijn we steeds dichter bij de consument komen te staan. Daaruit voortvloeiend zijn we in 2012 een coöperatie geworden, waardoor de consument mede-eigenaar werd. Vanuit onze geschiedenis ging het voornamelijk om de vershandel, maar toen we met de winkels begonnen, is daar dkw bijgekomen. Dat willen we nog beter verzorgen. De natuurvoedingsmarkt is volop in beweging en de concurrentie met reguliere supermarkten wordt steeds heviger, waardoor we onszelf hebben moeten herontdekken. Willen we compleet worden en klanten aan ons binden, dan moeten we ook het dkw-gedeelte beter en volledig gaan doen. Toen was de vraag: gaan we dat dan zelf doen, met consequenties voor andere partijen zoals De Nieuwe Band – wij waren hun grootste klant – of gaan we dat in samenwerking doen? In het verleden hadden we al eens eerder gesproken met De Nieuwe Band over een fusie, maar dat paste toen niet. Eind 2017 kwam het gesprek opnieuw op gang. De Nieuwe Band had het moeilijk en ons zou het prima passen, dus waren we er dit keer best snel uit. Odin heeft nu alle activiteiten van De Nieuwe Band overgenomen. De groothandel, maar ook de productie, zoals het vullen van zakjes rijst en nootjes.’

Ging de fusie zonder slag of stoot?

‘Een fusie gaat niet over één nacht ijs en gaat langs diverse schijven: directie, bestuurders, leden, OR en banken. Bij De Nieuwe Band was 98,7 procent van de 198 uitgebrachte stemmen positief. Bij Odin is het statutair anders geregeld, hier heeft de ledenraad akkoord gegeven. Voor het personeel heeft de overname geringe consequenties. Er vallen geen gedwongen ontslagen en in principe zijn alle medewerkers overgenomen, in totaal circa 60 mensen. Natuurlijk betekent het wel een aanpassing. Zo houden we geen twee afdelingen inkoop aan, maar schuiven we die in elkaar. Het managementteam zit in Geldermalsen, verder blijven we op twee locaties werken. Nu zijn we bezig de bestelstromen op elkaar af te stemmen. De bestelling komt straks op één plek binnen, wordt vervolgens uitgesplitst, waarna het weer wordt samengebracht. Dan mag het niet uitmaken of je door een verkoper uit Marum bent geholpen of uit Geldermalsen.’

Merle Koopmans van den Dries, directeur Odin

Als de fusie is afgerond, wat zijn dan de volgende plannen?

‘Historisch is het zo gegroeid dat we nog niet in Noord-Nederland zitten. We hadden daar een samenwerking met de Zaaister, die voor ons de distributie van onze pakketten verzorgde. De Zaaister is overgenomen door Udea, waardoor de distributie in het Noorden is veranderd en we niet meer vastzitten aan de Zaaister. We voelen ons niet meer gehinderd om zelf activiteiten te ontplooien en door de fusie met De Nieuwe Band kunnen we de denkbeeldige grens over en zelf bedenken hoe we het daar willen hebben. Bovendien zijn we deze week de samenwerking aangegaan met Bio Noord, een nieuw bedrijf dat voor ons een deel van onze logistiek in het Noorden gaat verzorgen. Ook met de winkels gaan we zeker die kant op. Nu is nog geen locatie bekend, maar we krijgen wel allerlei tips. Groningen zou leuk zijn, maar daar zitten al een paar bio-winkels. Los van de locatie willen in ieder geval onze doelstelling behouden om jaarlijks met twee of meer nieuwe winkels te groeien. De markt is in beweging, dus komen er
zeker nieuwe locaties bij.’

In de nieuwe economie zoals u die bepleit, ligt toch juist de focus minder op groei?

‘Ons doel is niet groei, maar een gezonde balans. In de fase waar we nu inzitten, hoort daar groei bij. Wij hoeven niet de grootste van Nederland te worden, maar willen een gezond systeem realiseren. De prognose van de Rabobank luidt dat er geen groei zit in de biologische speciaalzaak, maar ook geen daling. Het aantal klanten zal misschien niet veel uitbreiden, voor ons zit in de gemiddelde besteding zeker nog wel groei. Leden geven juist door het ledenvoordeel meer uit in de winkel. Daarom is een compleet aanbod van groot belang en verkopen we ook wc-papier en boterhamzakjes, uiteraard biologisch afbreekbaar. Onlangs zijn we de grens van 7000 leden gepasseerd. Dit betekent dat we er sinds januari 1500 leden hebben bijgekregen. Binnen 3 jaar gaan we naar de 10.000
leden. Nu is de verhouding in de winkel leden/niet-leden 50/50. Het aandeel leden begint wel te stijgen.’

Heeft u naast een gezonde groei nog andere plannen?

‘We willen onze onlineservice uitbreiden en ons richten op een ander soort klant: tussen particulieren en groothandels zit nog een hele wereld. Verder willen we ons als community verder ontwikkelen, bijvoorbeeld door andere activiteiten rond eten en landbouw te organiseren. Daar valt nog veel te doen. Zo zijn er nu leden die bijenboompjes opkweken, met als doel om die te plaatsen bij onze imkerij. Onze klanten zijn heel kritisch en die dagen je wel uit. Voortdurend moeten we onze keuzes uitleggen. Verpakkingen, vrachtwagens: overal kijken de leden naar. Ik ervaar dat als positief: wij runnen een bedrijf en daar horen kritische geluiden bij. Als je er niets mee kunt, bijvoorbeeld als het financieel niet uit kan, dan moet je dit goed kunnen uitleggen. Dat houdt je scherp. Ook de verkoop van vlees en vis in onze winkels is altijd een punt van discussie. Een deel van de klanten is veganistisch en die willen het liefst helemaal geen vlees in de winkel zien. Onlangs hebben we een enquête gehouden waaruit bleek dat de meerderheid op dit moment nog niet vleesloos wil worden.’ 

Reageer op dit artikel