artikel

Angst voor Albert Heijn aan de onderhandelingstafel

Achtergrond Premium

Angst voor Albert Heijn aan de onderhandelingstafel

De rechtszaak tussen Albert Heijn en zijn franchisers brengt meer aan het licht dan alleen wrevel over onverdeelde marges. In de pleitnota van de Vereniging van Albert Heijn Franchisenemers (VAHFR) is een aantal pagina’s gewijd aan teksten van leveranciers die zich, anoniem, beklagen over de werkwijze van de supermarktketen. ‘Leveranciers zijn bang dat hun producten onderin de schappen belanden.’

Het is verre van opmerkelijk dat leveranciers beweren dat supermarktketens een machtspositie innemen in de prijsonderhandelingen. Verhalen over boycots van producten door de AH’s en Jumbo’s van deze wereld halen regelmatig de media. Dat gefrustreerde leveranciers een rol spelen in een rechtszaak tussen hoofdkantoor en ondernemers is wel nieuw. In de pleitnota van de VAHFR staan commentaren van verschillende fabrikanten die stellen dat Albert Heijn dubieus te werk gaat.

AH heeft de macht om afspraken te bepalen

De aantijgingen van de leveranciers worden in de pleitnota ingeleid met een verklaring van een voormalig directielid van Albert Heijn, sinds enkele jaren adviseur van vele fabrikanten. Hij stelt dat AH de macht heeft om te bepalen hoe afspraken met leveranciers er uit zien. ‘Het maakt de leverancier niet uit of hij de korting op zijn productprijs via een betalingskorting of op andere wijze geeft. Voor de leverancier telt het nettobedrag onder aan de streep. AH heeft zodoende de vrijheid en de macht om daarin keuzes te maken’, zo staat in het pleidooi.

ahpleitnotahoofdfotoAlbert Heijn eigent zich op verschillende manieren kortingen toe

Dat AH die vrijheid en macht benut, wordt volgens de VAHFR bevestigd door verschillende fabrikanten. Een van de grote leveranciers schrijft bijvoorbeeld dat ondernemers recht hebben op meer geld van Albert Heijn, aangezien ‘Zaandam’ zich op verschillende manieren kortingen zou toeëigenen. ‘Onderstaande vertel ik je uiteraard met het grootste vertrouwen. Ik hoop dat je er iets aan hebt’, leidt de leverancier zijn verhaal in, waarna hij onder meer schrijft over actiekortingen. ‘Voor zowel private label als A-merk zijn er actiebudgetten. Dit gaat over grote bedragen die 100 procent zeker niet volledig bij de consument terecht komen, onterecht genoten actiekorting is veelal 30 procent van de totale korting. Deels komt deze bij de vestigingen terecht en deels bij de dc’s. Dit is bij iedere leverancier het geval en gaat nogmaals over forse bedragen. Ik zou schatten dat het over minimaal €25 miljoen per jaar gaat die AH ontvangt en niet bij de consument terechtkomt’, luidt de tekst.

Dervingsvergoeding komt niet bij de ondernemers terecht

Met andere woorden: wanneer AH bijvoorbeeld met Heineken een actieprijs afspreekt voor een miljoen kratten, er uiteindelijk 800.000 verkoopt voor die actieprijs en de resterende 200.000 verkoopt voor de reguliere prijs, verdient AH aan die deal. De aangehaalde leverancier stelt dat de supermarktketen op die manier miljoenen verdient, waar de ondernemer niets van terugziet. Ook stipt dezelfde leverancier zogeheten dervingsafspraken aan. ‘Het is steeds gebruikelijker om bij nieuw assortiment een dervingsvergoeding af te spreken. Kan me niet voorstellen dat dit bij de ondernemers terecht komt.’

Albert Heijn heeft alleenrecht bij keuze betalingswijze

Een andere fabrikant zegt dat AH alleenrecht heeft in het bepalen van de wijze van betalen. ‘Als eerste wordt het totale kortingsbedrag besproken. Dat wordt onderverdeeld in bijdragen voor de Allerhande en de Bonusfolder en in actiekortingen. Albert Heijn bepaalt dan de verdeling waar het naar toe gaat. De betalingstermijn wordt eenzijdig door AH opgelegd. Als je sneller betaald wilt krijgen, moet je nog extra korting geven. Er zijn veel leveranciers die het hierdoor financieel moeilijk hebben. Voor AH geldt dat zij latere leveranties al heeft verkocht, voordat zij de eerste betaalt. Daar zitten
gemiddeld 3 à 4 leveranties tussen.’

Leveranciers vrezen voor repressailles van AH

Ook zou AH inzicht willen hebben in de kosten van de leveranciers. ‘AH wil bij veel leveranciers exact weten wat de kosten zijn die een leverancier heeft om zijn product te maken. Vervolgens bepaalt AH dan wat de leverancier mag verdienen en wat hij aan AH moet betalen aan kortingen en bijdragen’, zo stelt een fabrikant in de pleitnota. De VAHFR zegt hierop dat het gaat om leveranciers die anoniem willen blijven, omdat zij vrezen voor represailles van AH. ‘De VAHFR kan daarom in de zaak geen getekende verklaringen van fabrikanten overleggen. Oproepen als getuige zou kunnen, maar de franchisers vrezen dat de leveranciers ook dan niet durven te praten’, zo zegt het advocatenteam van de franchisers.

ahpleitnotabeursgang
Leveranciers zitten in een afhankelijkheidsrelatie met AH

Het stilzwijgen is volgens de VAHFR ook iets waar het bureau SEO Economisch Onderzoek in 2013 tegenaan liep. In
opdracht van het Ministerie van Economische Zaken deed het bureau dat jaar onderzoek naar de vraag of de (zelf)regulering voldoet om oneerlijke handelspraktijken tegen te gaan. In het rapport werd als voorbeeld genomen dat AH in september 2012 eenzijdig 2 procentpunt extra betalingskorting van al zijn leveranciers eiste. In verband met het onderzoek heeft SEO vervolgens aan de leveranciers gevraagd wat zij van deze handelswijze van AH vonden en waarom zij daar niet tegen opkwamen door gebruik te maken van de mogelijkheden die de wet hen biedt. ‘SEO ontdekte dat de leverancier ten
opzichte van AH in een afhankelijkheidsrelatie zit. En dat dit te meer geldt als de betrokken leverancier voor een groot deel van zijn afzet afhankelijk is van AH’, zo schrijft de VAHFR in de pleitnota.

Geen bonus meer ontvangen bij extra afzet

De SEO schrijft zelf in zijn rapport dat de reacties van leveranciers wijzen op een lastige positie waarin ze zich bevinden met Albert Heijn. Uit verschillende interviews met fabrikanten wordt volgens SEO duidelijk dat ze de commerciële relatie met de afnemer niet op het spel willen zetten. ‘Naast het risico op beëindiging van de overeenkomst, zijn leveranciers bang voor represailles door de afnemer. Zo zijn ze bang dat hun producten onderin de schappen belanden, ze niet meer mee mogen doen met voordeelacties voor consumenten of geen bonus meer ontvangen bij extra afzet.’

Foto: Koos Groenewold

Foto: Koos Groenewold

Albert Heijn herkent zich niet in het verhaal

De VAHFR beweert vervolgens dat dit soort represailles ‘niet illusoir’ zijn. Om die reden toont de ondernemersvereniging een mail (19 augustus 2016) van AH Store Support, een afdeling van de marktleider die de winkels ondersteunt bij operationele zaken, aan de franchisers, waarin een boycot van producten van Kraft Heinz wordt aangekondigd. Dit
omdat die leverancier het op dat moment niet eens was met de nieuwe combinatie Ahold Delhaize over de (inkoop)voorwaarden. De boycot werd na enige tijd opgeheven.Albert Heijn is gevraagd om een reactie op de teksten van de leveranciers in de pleitnota. ‘Ik kan niet ingaan op anonieme aantijgingen, aangevuld met verklaringen van iemand die al ruim twee decennia niet meer bij Albert Heijn actief is’, zegt Albert Heijn-woordvoerder Menno van der Vlist. ‘Inhoudelijk raakt het kant noch wal, we herkennen ons niet in dit verhaal.’

Spel soms op het scherpst van de snede

Volgens Van der Vlist stelt de marktleider zich aan de  onderhandeltafel altijd correct op. ‘Ik kan niet vaak genoeg benadrukken dat Albert Heijn – of het nou gaat over leveranciers of franchisers – zich aan wederzijds gemaakte afspraken houdt, de code eerlijke handelspraktijken respecteert en dat er van eenrichtingsverkeer absoluut geen sprake kan zijn. Integendeel. Het gaat juist over samenwerking en groei in de gehele keten, waarbij iedere partij een eigen belang heeft. Dat het spel in deze sterk concurrerende markt soms op het scherpst van de snede wordt gespeeld, is mijns inziens geen nieuws.’ 

Reageer op dit artikel