artikel

Picnic de fout in met voedingswaarden

Achtergrond

Picnic de fout in met voedingswaarden

Picnic heeft bij een groot aantal producten fouten gemaakt in voedingswaarden. Ook nadat een consument het bedrijf hierop wijst, wordt geen actie ondernomen. Laakbaar, vindt het Voedingscentrum.

‘Picnic voldoet hiermee niet aan de wet’, is de reactie van de instantie. De fout ligt niet bij de leveranciers, maar in de dataverwerking van Picnic. Een reconstructie.

Consument Nicole Smit let goed op wat ze eet in verband met een dieet. Als nieuwbakken klant van boodschappenbezorgdienst Picnic valt het haar daarom al snel op dat het vermelde aantal calorieën van een Wagner Pizza Boston wel erg laag is: 61 kcal per 100 gram pizza. Na een vergelijking met gegevens van de fabrikant blijkt het werkelijke aantal op 275 kcal te liggen. Smit speurt verder en komt al snel meer fouten tegen in de app, niet alleen in voedingswaarden, maar ook in vermelde ingrediënten. Ze besluit Picnic op de hoogte te brengen van haar constateringen. In een reactie laat Picnic weten de fouten te zullen herstellen: ‘Wij halen alle informatie uit een grote landelijke database. Hierin zetten de producenten zelf de voedingswaarden. Wij verzoeken ze met een berichtje dit aan te passen.’ Smit wordt zelf ook verzocht contact op te nemen met de betreffende leveranciers. ‘Je kunt ze natuurlijk ook zelf een berichtje sturen.’ ‘Voor de producten van Bio+ kun je een melding maken via hun website www.bio-plus.nl/contact’, krijgt ze nog mee.

Bijna 100 foute producten

Een inventarisatie van de producten op de Picnic-app levert bijna 100 producten op waarvan de vermelde productinformatie niet overeenkomt met de door de leverancier beschikbaar gestelde informatie. Bij vrijwel elk product waarbij fouten zijn ontdekt, is het vermelde aantal calorieën veel lager dan het werkelijke aantal. Zo is dit bij Heinz tomatenketchup 102 tegenover 435 calorieën, bij Karvan Cévitam siroop 300 in plaats van 1250 calorieën. In een enkel geval betreft het ook ernstiger zaken, zoals het niet vermelden van de juiste ingrediënten. Bio+ pindakaas bijvoorbeeld bestaat volgens Picnic uit louter pinda’s. In werkelijkheid bestaat de pindakaas maar voor 77 procent uit pinda’s en zitten er ook nog plantaardige vetten, palmstearine, rietsuiker en zeezout in. Bij een pot doperwten en wortelen van Bio+ wordt honing als ingrediënt niet genoemd, terwijl dat wel zou moeten.

Wettelijk in de fout

Picnic gaat met het onjuist vermelden van de productinformatie wettelijk in de fout, zegt etiketteringsexpert Wieke van der Vossen van het Voedingscentrum. ‘Volgens de Wet voedselinformatie 1169/2011 is een bedrijf dat online producten verkoopt, verplicht om ook de etiketinformatie online te verstrekken. Deze informatie moet uiteraard juist zijn, net zoals het fysieke etiket op het product. Als de informatie aantoonbaar niet klopt, dan voldoet een bedrijf niet aan de wet.’ Ze zegt het fout vermelden van de voedingswaarden door Picnic ‘vervelend’ te vinden. ‘Dit hoort niet. Schadelijk is het niet direct, maar het is zeker foutieve informatie om bijvoorbeeld milliliter in plaats van grammen te declareren.’ Erger vindt ze de onjuiste informatie over de ingrediënten. ‘Het kan wel schadelijk en ronduit gevaarlijk zijn als deze informatie niet klopt en mensen met een voedselallergie foute beslissingen kunnen nemen, met alle gevolgen van dien.’

Handelen Picnic laakbaar

Twee maanden na het contact tussen Smit en de medewerker van Picnic is er nog altijd niets veranderd aan de foute productinformatie. Picnic zegt wel contact opgenomen te hebben met de leveranciers, maar die zeggen zelf van niets te weten. Een woordvoerder van Nestlé/Wagner zegt dat zijn bedrijf niet bekend is met de foutieve voedingswaarden van Wagner Pizza’s in de app. ‘Uiteraard is dit iets waar we direct op gehandeld zouden hebben’, zegt hij. Het Voedingscentrum vindt het handelen van Picnic laakbaar. ‘Consumentenvragen worden op deze manier niet serieus genomen en het feit dat de online-etiketinformatie niet klopt, wordt ook niet serieus genomen. Dit terwijl het wel een wettelijke verplichting is’, zegt Van der Vossen.

Grote afwijkingen in calorieën

In een vergelijking van de producten met onjuiste voedingswaarden met de voedingswaarden van de fabrikanten en andere supermarkten wordt al snel duidelijk waar het bij Picnic misgaat. De boodschappenbezorger verwart het aantal kilojoules met het aantal kilocalorieën en dat levert dus een veel lager aantal op. Bij vier soorten Hertog IJs (Unilever) gaat het op een andere manier fout. Hier is het aantal calorieën per 100 milliliter gehouden voor 100 gram en ook dat levert heel afwijkende waarden op. Slagroomijs bijvoorbeeld bevat volgens Picnic maar 114 kcal, terwijl dit volgens Unilever 220 kcal moet zijn. Ook zijn er afwijkingen die moeilijker te verklaren zijn. Het ijs van Ola Viennetta bijvoorbeeld wijkt sterk af. Picnic zegt dat 100 gram Ola Viennetta biscuit caramel 156 kcal bevat, Unilever vermeldt 294 kcal. Pas nadat Foodmagazine vragen stelt over deze kwestie, gaat Picnic met het probleem aan de slag. Al snel blijkt dat de fout niet bij de leveranciers ligt, maar in de dataverwerking van Picnic zelf. Daags na het stellen van vragen over de bevindingen die de inventarisatie van de voedingswaarden heeft opgeleverd, is een deel van de fouten al hersteld. ‘Er waren velden in de data anders en dat is nu aangepast.’

Picnic zegt extra checks te hebben ingebouwd om aangeleverde data te controleren. ‘Het systeem is nu zo opgezet dat wanneer er grote afwijkingen plaatsvinden, bij ons een belletje afgaat.’ Toch zijn nog niet alle fouten in de app gecorrigeerd. Zo kloppen de ingrediënten van de genoemde Bio+-producten midden november nog steeds niet en bevat het Hertog IJs volgens de beschrijving nog steeds veel minder calorieën dan het werkelijke aantal. Superunie in een reactie: ‘Zoals bekend hecht Superunie zeer grote waarde aan correcte productinformatie. Superunie heeft echter geen directe leveringsrelatie met Picnic. Er is hierover derhalve ook geen eerder contact geweest. We hebben met de leverancier van deze producten wel gecheckt of de data in GS1 correct zijn. Dit is het geval. Wel zullen wij via de leverancier van Picnic hen met klem verzoeken dit zo spoedig mogelijk te corrigeren.’

Database GS1

Picnic gebruikt voor de gegevens van de producten inderdaad GS1 Data Source. Voedingsmiddelenfabrikanten dragen er zelf zorg voor dat de juiste gegevens worden ingevoerd. Volgens de wet moet de voedingswaarde, online én fysiek, kloppen. Helaas worden ook hier nog wel eens fouten in gemaakt, zegt Patricia Schutte van het Voedingscentrum. ‘De laatste jaren is hier veel aandacht voor om dit te verbeteren, maar het systeem is nog niet foutloos.’ Onlangs nog besloot GS1 de producten van 50 leveranciers uit de database te verwijderen omdat ze op geen enkele wijze voldeden aan de gestelde normen, volgens Jerry Tracey, sectormanager levensmiddelen en drogisterij bij GS1. In het geval van de foutieve waarden op de Picnic-app valt de leveranciers niets te verwijten, zegt Tracey: ‘Afnemers zoals Picnic kunnen gegevens uit GS1 Data Source in hun systemen overnemen, maar zijn zelf verantwoordelijk voor een correcte verwerking. Als de voedingswaarden in de Picnic-app afwijken van wat er op het fysieke productetiket staat, is Picnic verantwoordelijk voor de afwijkingen.’

Geen consequenties

Picnic coördineert zelf de data-invoer van de gegevens van GS1 in de eigen app. ‘Automatische invoer van de gegevens wordt door ons niet gecontroleerd, omdat het de verantwoordelijkheid van de leverancier is.’ Volgens Van der Vossen is dit niet de juiste handelswijze. ‘Supermarkten hebben een verantwoordelijkheid in de publicatie van productinformatie en mogen daarom niet blindelings vertrouwen op GS1’, zegt ze. Ook de NVWA zegt dit. Ook al heeft Picnic overduidelijk fouten gemaakt in de productinformatie, het valt nog maar te bezien of dit verdere consequenties kan hebben. ‘Een consument kan altijd een klacht indienen bij de NVWA. Hoe precies de opvolging dan is, hebben wij als Voedingscentrum minder zicht op’, zegt Van der Vossen.

De NVWA zegt in een reactie: ‘De consument heeft recht op eerlijke informatie. De voedingswaardetabel is de belangrijkste informatiebron met betrekking tot energie en voedingsstoffen die aanwezig zijn in een voedingsmiddel. Daarom is het belangrijk dat de voedingswaarden correct zijn vermeld, zoals vastgelegd in de Voedselinformatieverordening (1169/2011). Foutieve vermelding van de voedingswaarde is een overtreding. De ernst hangt af van feiten en omstandigheden en kan van etiket tot etiket verschillen. Een inspecteur van de NVWA zal uw signaal verder onderzoeken en indien nodig maatregelen nemen.’ ‘Wij stellen geen eisen aan retailers. Zij zijn verantwoordelijk voor hetgeen zij aan consumenten communiceren. Leveranciers kunnen retailers eventueel aanspreken als hun productdata in GS1 Data Source niet goed wordt overgenomen’, verklaart Tracey. Hij zegt de werkwijze wel zeer te betreuren: ‘Consumenten hebben recht op kloppende productinformatie.’

Dit artikel is met medewerking van Nicole Smit tot stand gekomen.

‘Kwaliteit onlinedata net zo belangrijk als fysieke etiket’

Voor het invullen van de juiste productinformatie in de database van GS1 ligt primair de verantwoordelijkheid bij de fabrikant of de merkeigenaar. ‘Zij moeten de gegevens goed invullen en controleren’, zegt Wieke van der Vossen van het Voedingscentrum. Daarbij vindt ze dat er nog meer aandacht moet worden geschonken aan goede onlineproductinformatie. ‘Het besef dat kwaliteit van onlinedata net zo belangrijk is als de kwaliteit van het fysieke etiket moet bij bedrijven nog groter worden.’ GS1 zegt er zelf alles aan te doen dat de informatie in de database zo correct mogelijk is. ‘De Nederlandse levensmiddelensector heeft gezamenlijk afgesproken hoe gegevens over voedingsmiddelen in GS1 Data Source moeten worden vastgelegd. Het datakwaliteitsprogramma van GS1 Nederland is er om te controleren of deze afspraken worden nageleefd. Het programma bestaat uit twee componenten. De eerste is een uitgebreid programma met fysieke controle van de logistieke en etiketinformatie. Daarnaast zijn er logische, geautomatiseerde controles van gegevens.’

Dit programma is het afgelopen halfjaar nog aangescherpt. Het Voedingscentrum maakt zelf ook gebruik van de databank van GS1. ‘Voor de app ‘Kies Ik Gezond?’ gebruiken wij data vanuit verschillende databanken, waaronder GS1’, verklaart Van der Vossen. Bij de databanken wordt aangedrongen op het leveren van juiste informatie. ‘Er zijn vele gesprekken geweest met onder andere GS1 om de data te verbeteren.’ Voor de zekerheid heeft het Voedingscentrum automatische checks ingebouwd om de data te controleren. Bij grove fouten worden de producten niet opgenomen in de Kies Ik Gezond?-app.

Bij een pot doperwten en wortelen van Bio+ wordt honing als ingrediënt niet genoemd, terwijl dat wel zou moeten.
Het ijs van Ola Viennetta bijvoorbeeld wijkt sterk af. Picnic zegt dat 100 gram Ola Viennetta biscuit caramel 156 kcal bevat, Unilever vermeldt 294 kcal.
Bij de Bio+ pindakaas gaat het om de ingrediënten. Bio+ pindakaas bestaat volgens Picnic uit pinda’s. In werkelijkheid bestaat de pindakaas maar voor 77 procent uit pinda’s en zitten er ook nog plantaardige vetten, palmstearine, rietsuiker en zeezout in.
Bij vier soorten Hertog IJs (Unilever) is het aantal calorieën per 100 milliliter gehouden voor 100 gram en dat levert heel afwijkende waarden op. Slagroomijs bijvoorbeeld bevat volgens Picnic maar 114 kcal, terwijl dit volgens Unilever 220 kcal moet zijn.

Reageer op dit artikel