artikel

Uit het oog, uit het hart: winkeliers missen C1000 niet

Achtergrond

Uit het oog, uit het hart: winkeliers missen C1000 niet
C1000 was een populaire formule, maar wordt amper meer gemist door ondernemers en hun klanten. Foto: Bram Saeys

Tientallen voormalige C1000-ondernemers vierden dit jaar hun 5-jarig jubileum als Jumbo-, Albert Heijn- of Coop-winkelier. De herinnering aan hun voormalige actieformule vervaagt steeds meer. Hoe kijken ondernemers terug op hun overstap? En hoe doorstonden ze het beruchte badkuipmodel?

Klanten lieten Jan Abbas niet in de steek toen zijn C1000 Jumbo werd.

Een jaar. Zo lang zou het duren om de Jumbo-formule te leren kennen, werd Jan Abbas verteld. Zijn C1000 in het Drentse Gieten werd in maart 2015 heropend als Jumbo. Hij zat daarmee laat in het ombouwproces, dat in 2012 begon. Hij zag bij andere ondernemers hoe de overstap verliep. Sommigen leverden flink omzet in, anderen kregen er direct omzet bij. Abbas was één van die laatsten. Een badkuipmodel heeft hij omzettechnisch gezien dus niet gekend. ’10 tot 13 procent boven de verwachting op basis van vestigingsplaatsonderzoek’, weet de ondernemer. ‘Na een jaar had ik wel een gevoel van controle. Maar het heeft wel 2 jaar geduurd voordat we helemaal vertrouwd waren met de nieuwe formule’, bekent hij.
De oorzaak zat onder meer in nare persoonlijke omstandigheden binnen Abbas’ medewerkersbestand. ‘En alles in de winkel is ineens heel anders, he? Het assortiment is ineens enorm, twee keer groter dan we bij C1000 hadden. Klanten weten het ook niet meer, al zijn ze wel blijven komen. En de derving was in de eerste maanden enorm.’

Harry Zweepe maakte in november 2013 de overstap van C1000 naar Albert Heijn. De ondernemer in Siddeburen raakte direct een flink van zijn omzet kwijt. ‘Ja, het badkuipmodel heb ik wel ervaren’, blikt Zweepe terug. ‘Ik behoorde tot de eerste winkels die overgingen naar AH. Ik had altijd geleerd dat je bij een overname voor of achterin de trein moet zitten om de beste deal te krijgen. Ik wist echter ook dat de omzet zou gaan inzakken met minimaal 10 procent. Ook omdat de C1000 in Schildwolde, hier vlakbij, nog wel open was. En de acties bij C1000 werden steeds gekker. Uiteindelijk verloren we 22 procent omzet.’

Wat was het badkuipmodel ook alweer?

Het badkuipmodel was de term die werd gebezigd voor de ontwikkeling die voormalige C1000-winkels zouden doormaken. Daarbij zou na een dip de omzet weer gehaald worden die onder de C1000-formule behaald werd.

Een flink percentage, maar het kan erger. In het Limburgse Stramproy verloor de winkel van René Puts en Ralf Jansen 25 procent. ‘Ik denk dat wij wel één van de diepste badkuipen hebben gekend’, zegt laatstgenoemde. ‘Onze buurman Aldi heeft een tijdlang flink geprofiteerd van de transitie. Voorheen kwamen ze bij ons voor de boodschappen, ineens gingen veel mensen voor de boodschappen naar Aldi en kwamen ze bij ons voor hetgeen ze daar niet konden krijgen. Klanten moesten hun weg naar Jumbo nog vinden, de actieklant moest worden opgevoed.’

Diepere badkuip

De omzetdip werd gevoeld bij ondernemers uit alle formules. Rik Nijenhuis bouwde in september 2014 zijn winkel in Blaricum om van C1000 naar Coop. Hoeveel omzet hij precies kwijtraakte, vindt hij niet netjes om te zeggen. ‘Maar als je het dan over het badkuipmodel hebt: de badkuip was een stuk dieper dan ik had besteld en waar we, de formule en ik, rekening mee hadden gehouden.’ Dat had mede te maken met een grote verbouwing die het buurtwinkelcentrum onderging. ‘De boel was opgebroken. Dat hielp ook niet echt.’

Zijn Coop-collega Leon Haanstra in Holten leverde sinds de overstap in april 2015 ook fors in, zij het minder dan verwacht. Haanstra rekende op een min van 30 procent, maar in de eerste weken kwam hij bijna op C1000-niveau uit. ‘Ik denk dat dit kwam door de acties en de boodschappenbox waar klanten voor konden sparen’, herinnert de ondernemer zich. Want na die periode zakte de omzet alsnog in. Weliswaar geen 30 procent, maar wel structureel 20 procent.

Niet iedereen belandde in de badkuip. Richard Broeren, goed voor twee Jumbo’s in Den Bosch, heeft geen enkele last gehad van de badkuip. Zijn winkels waren 3,5 jaar C1000, daarvoor Super de Boer. Bij de ene vestiging (Rivierenplein) bleef de omzet gelijk, bij de ander (Pettelaarseweg) steeg de omzet direct met 10 tot 15 procent. Een C1000-fanbase was er niet ontstaan tussen 2011 en 2014, denkt hij. ‘De winkels zijn maar zo kort C1000 geweest, zo’n basis moet je opbouwen.’

Remco Heeren draait 40 procent meer omzet bij AH dan bij C1000.

Ook Remco Heeren, AH-franchiser in Ridderkerk, pluste flink na de C1000-tijd. Hij vierde deze maand 5 jaar Albert Heijn. ‘We raakten wel wat C1000-klanten kwijt, maar daarentegen kwamen er klanten onze kant die voorheen naar de andere AH in Ridderkerk gingen.’ Volgens Heeren scheelde het dat zijn winkel maar 2 jaar C1000 was. ‘Daarvoor was het een Super de Boer, al was dat voor mijn eigen tijd. De formules van AH en Super de Boer lijken veel meer op elkaar, klanten hoefden niet heel erg te wennen. We zijn nooit onder de C1000-omzet geraakt. AH is in het westen natuurlijk ook hartstikke bekend. Ik heb begrepen dat winkels in het noorden en oosten, waar dat minder is, veel meer moeite hebben gehad.’

Kim van de Worp kan dat beamen. Zijn C1000 in Heino (Overijssel) ging mei 2014 om naar AH. Na een redelijke openingsweek zakte de omzet als een plumpudding in elkaar. ‘Ik denk dat we tot wel 35 procent zakten. Het scheelde tienduizenden euro’s per week. Sommige weken liep dat zelfs op naar zo’n €40.000.’

Volgens de ondernemer was de omgeving een echt C1000-gebied. ‘De mensen hier waren bijna verliefd op C1000. We hadden echte fans.’ Dat bleek ook wel in de periode vóór de ombouw. ‘In Zwolle waren de C1000’s al omgebouwd. Daarvandaan kwamen klanten speciaal naar ons toe. We draaiden ineens €10.000 extra omzet per week.’ Hoewel de uiteindelijke dip niet helemaal onverwacht kwam, viel de omzetdaling toch wel rauw op zijn dak. ‘Er waren toch wel redelijk goede prognoses afgegeven. Met de daling die wij meemaakten, hadden we geen rekening gehouden.’

Tijd om in te bedden

Bert Vis was in juli 2015 de laatste ondernemer die zijn winkel van C1000 naar Jumbo verbouwde. Doordat hij in het hoofdbestuur van C1000 zat, wist hij wat hij kon verwachten. ‘Ik was al eigenlijk al geel voordat ik Jumbo werd. Ik zat al langere tijd dicht bij het proces en wist wat er zou gaan spelen.’

Vis verloor zo’n 10 procent omzet. ‘C1000 was zeer succesvol. We waren marktdominant en hadden de hoogste C1000-omzet in het Noorden. Jumbo had tijd nodig om in te bedden’, zegt Vis. De 10 procent omzetverlies bleef een tijdlang structureel, tegen de prognose van Jumbo en hemzelf in. Gelukkig voor Vis deed Jumbo een duit in het zakje. ‘Dat hebben we samen opgelost. Ik ben netjes behandeld toen het tegenzat’, aldus de ondernemer.

Aan de handdoek in de ring gooien heeft Vis nooit gedacht. Harry Zweepe wel, geeft hij toe. ‘Het duurde 1,5 jaar voordat de omzet weer wat begon toe te nemen. Dat ging met schokken en stoten, drie stappen naar voren en weer twee terug. Ik draai nu nog altijd minder dan in de C1000-tijd, maar wel met een beter verdienmodel.’

Harry Zweepe vierde in november zijn 5-jarig jubileum als AH’er.

Zweepe zegt dat hij er hard aan heeft moeten trekken. Ook was het voor hem een hele leerzame periode. ‘We gingen van geliefd naar niet-geliefd.’ Het heeft hem wel veel volwassener gemaakt als ondernemer. We hadden 5 hele mooie jaren gehad bij C1000, waren op weg om de omzet te verdubbelen ten opzichte van toen we begonnen. Daar ga je van genieten, je wordt minder scherp. En dan ineens ben je aan het watertrappelen om boven te blijven. We hebben keihard moeten vechten voor het bedrijf.’

Coop-man Nijenhuis heeft zich ook veel zorgen gemaakt. Stoppen als ondernemer is echter nooit aan de orde geweest. ‘Ik had er veel voor gedaan en gelaten om ondernemer te worden. Dat wilde ik niet opgeven. Bovendien is doorgaan de juiste beslissing gebleken.’ Ook Jan Abbas dacht nooit aan stoppen, ondanks dat nare omstandigheden bij zijn personeel het ontzettend moeilijk maakten. ‘Wat betreft formule zijn we nu echt veel beter af. Door de modulaire opzet kunnen we makkelijk dingen toevoegen. De Jumbo-formule is veel speelser en moderner en heeft betere looks.’

Ralf Jansen en René Puts gingen door een diep dal, maar zijn inmiddels dolblij.

Ralf Jansen geeft aan dat zijn compagnon en hij altijd in eigen kracht zijn blijven geloven. ‘Zolang je die klant maar op 1 zet, moet het lukken’, zegt hij. ‘Het heeft 1,5 jaar geduurd om de omzet op peil te krijgen. En omzet is één, maar je hebt ook een kostenkant die je moet oplossen. Dat heeft ons toen wel geraakt. Het is heel mooi om te zien hoe we met ons team door die dalen zijn heengegaan en daarna weer zijn gaan pieken.’

 

Te harde acties

Jansen zegt ook helemaal niks meer te missen aan C1000. ‘Ik vind dat we met Jumbo een hele mooie formule hebben gekregen. De organisatie snapt nog veel beter waar het om draait dan bij C1000. Bij C1000 had je veel meer pieken en dalen, Jumbo is constanter. Als je ziet welke gedurfde stappen Jumbo en de familie Van Eerd zetten met bijvoorbeeld La Place, dan ben ik echt trots om daar bij te horen. Het is echt ondernemerschap.’

Ook de andere ondernemers die de stap naar Jumbo maakten, missen weinig aan hun voormalige formule. Nostalgische gevoelens zijn Richard Broeren vreemd. ‘Ik heb de acties altijd veel te hard gevonden.’ Hij vindt dat Jumbo daarin nu ook een beetje doorschiet. ‘Ze mogen van mij terug naar de basis. De Zeven Zekerheden en de laagste prijsgarantie in plaats van aanbiedingen en actie. We moeten oppassen geen grijze muis te worden.’ Hij denkt overigens dat uiteindelijk de overgrote meerderheid van de C1000-ondernemers redelijk tevreden is. ‘In het convenant was opgenomen dat je na 2 jaar afstand kon doen van je winkel. Ik ken geen mensen die dat hebben gedaan. Dat zegt uiteindelijk toch genoeg.’

Bert Vis (midden) bij de heropening van zijn winkel in 2015.

Ook Bert Vis verlangt niet terug naar C1000. ‘Je werd er een beetje over-begeleid. Bij Jumbo heb ik meer ruimte en moet je er zelf bovenop zitten. En doordat het proces rustiger is, kunnen we met 450 uur minder toe. We werken rationeler. Overigens zonder te veel in te leveren. We hebben nog steeds een bakker en slager en snijden nog steeds kaas en vleeswaren.’ Jan Abbas is vooral blij dat hij van de aanbiedingen af is. ‘Ook klanten hoor je er niet meer over. Mijn omzet is nu veel stabieler, wat bijvoorbeeld personeel inplannen veel makkelijker maakt en rust geeft. Het wijkt per week misschien €1000 of €2000 af. Ik zou alleen vanuit de organisatie willen werken met vaste versspecialisten voor de verschillende afdelingen, zoals voorheen bij C1000. Bij Jumbo is het alleen op de agf goed geregeld, op de overige afdelingen komt de begeleiding van fabrikanten. Maar ik ben blij dat ik bij een winnende formule zit. Het is bijvoorbeeld fantastisch dat La Place nu bij Jumbo zit, dat geeft ons een enorme voorsprong.’

Nooit meer terug

Vanuit AH-kant wordt ook niet met veel weemoed teruggedacht aan de C1000-jaren. Toch mist Harry Zweepe wel iets. ‘Het moment dat Tom Heidman aan het bewind kwam bij C1000 en Bas Verheijen de commerciële man was, kwam er een soort energie los tussen hoofdkantoor en winkelvloer. Dat heeft een spin-off gehad die een omzetboost ontketende. AH is veel meer filiaaldenkend, terwijl ze franchisenemers meer zouden moeten faciliteren. Ze doen het wel hoor, maar het kan beter. Maar C1000 is een gesloten boek. Ik vind het nu veel leuker dan toen. En sinds we de winkel dit jaar meer ‘verwarmd’ hebben, voelt het echt als mijn eigen AH. Ik heb geen moment spijt gehad van de overstap en zou voor geen goud terug willen naar C1000.’

Remco Heeren noemt de logistiek, die volgens hem bij C1000 bepaalde voordelen kende voor winkels. ‘Als dit bij AH anders zou zijn ingericht, zou dat een groot rendementsvoordeel opleveren voor zowel AH als ondernemers. Dan heb ik het over de leveringstijden. Bij ons kan de vulploeg pas halverwege de ochtend beginnen en om 13.30 uur moet alles klaar zijn. Dat is niet goed voor het winkelbeeld en de winkelende klant. En ’s avonds zijn we tot laat, 22.30-23.00 uur, bezig met vullen omdat die vracht pas heel laat komt. Bij C1000 kon je bijvoorbeeld rondom feestdagen aangeven dat je vracht op andere momenten wilde ontvangen. Maar voor de rest zouden we nooit meer terug willen naar C1000, we zijn heel tevreden met AH. Hamsterklanten zijn ook echt anders dan Eurowekenklanten. Dat waren echte koopjesjagers, niet echt trouw. Hamsterklanten zijn dat veel meer.’

Kim van de Worp zegt dat de rust wederkeerde toen hij eenmaal aan AH was gewend. ‘Je bent lang niet zo druk als met C1000. Dan houd je als ondernemer tijd over. Tijd om er zelfs iets naast te doen, als je dat wilt.’ Hij zegt dan ook niks te missen uit zijn C1000-tijd. Er is geen heimwee. ‘Het waren mooie tijden, maar ik mis niks. Ik zou er niet naar terug willen. Het was met de acties en aanbiedingen soms een logistieke nachtmerrie. De omzet stijgt nu jaarlijks met meer dan 10 procent en zit boven de C1000-omzet. Bovendien blijft er onderaan de streep meer over. Uiteindelijk heeft alles goed uitgepakt, we zijn tevreden.’

De Coop-winkeliers missen ook maar weinig aan de ter ziele gegane formule, waar destijds toch van werd gedacht dat deze onmisbaar zou zijn in het Nederlandse supermarktlandschap. Rik Nijenhuis kijkt er in ieder geval niet zo tegenaan. ‘Dat heeft ook geen zin. Ik ben daar niet mee bezig, want het is niet relevant. Misschien was C1000 ook wel aan zijn THT. Van Eerd heeft er toch niet voor niks de stekker uitgetrokken.’ 4 jaar na ombouw is de wissel bij Nijenhuis, zijn personeel en klanten volledig geland. Laatstgenoemden hadden in het begin veel te klagen. ‘Mensen kunnen slecht tegen verandering. We kregen vaak te horen dat vroeger alles beter was. De routing was precies omgedraaid, de schappen waren anders, ze konden niks vinden. Dat is nu wel voorbij.’

Leon Haanstra leverde na zijn overstap naar Coop aanvankelijk veel omzet in.

Zijn collega Haanstra was die-hard C1000, werkte 20 jaar bij de formule. Coop ziet hij voor zijn eigen winkel als het beste alternatief. Wel zegt hij de spraakmakende acties van C1000 te missen. Maar het verdwijnen van de actieformule heeft volgens hem ook voordelen. ‘Het is rustiger in de markt. Formules maken elkaar niet meer zo gek.’ En dat is maar goed ook. ‘We zitten niet op een supermarktoorlog te wachten.’

Foto’s: Jan-Willem van Vliet, Roel Dijkstra, Bram Saeys, Ronald Hissink, Foodmagazine

Reageer op dit artikel