artikel

Waarom aow’ers goed personeel voor de supermarkt zijn

Achtergrond Premium

Waarom aow’ers goed personeel voor de supermarkt zijn
(C) Roel Dijkstra Fotografie / Foto : Fred Libochant Benthuizen / Plus Adriaan Verheul / ouderen / senioren / caissieres werken bij Plus supermarkt

Ze zijn gemotiveerd, ingewerkt en vakbekwaam, dienstbaar, flexibel, betrouwbaar, klantvriendelijk, loyaal, relatief goedkoop en ze hebben een ouderwets goed arbeidsethos. Toch zie je deze werknemers amper op de werkvloer of achter de kassa, terwijl het de laatste tijd lastiger wordt om medewerkers te vinden. We hebben het hier over AOW-gerechtigden die nog graag doorwerken. Zijn ze een alternatief voor of aanvulling op dat team van energieke jonge medewerkers?

Die vraag moet iedere organisatie en ondernemer zelf beantwoorden. Maar er zijn legio argumenten om een energieke pensionado nog een paar jaartjes in dienst te houden. Hun arbeidscontract is vrijwel net zo flexibel als van een 17-jarige en ze zijn aanmerkelijk goedkoper dan een niet-gepensioneerde medewerker in dezelfde functieschaal. Bovendien is, in tegenstelling tot in een solliciatieprocedure, bij een pensionado die in dienst blijft het kaf al van het koren gescheiden. Je weet wat voor vlees je in de kuip hebt, ze waren immers al jaren in dienst. Bovendien zijn AOW’ers die willen doorwerken goed gemotiveerd en kunnen dat fysiek aan, anders stoppen ze zelf wel. ‘En ze kunnen werken op momenten dat een 17-jarige niet kan, tijdens schooltijden’, noemt Plus-ondernemer Adriaan Verheul als nog een voordeel. De Plus-ondernemer uit Benthuizen heeft tot zijn tevredenheid twee gepensioneerde caissières in dienst. Hij zou ook niet schromen om nog een pensionado aan te nemen. ‘Je moet er uiteraard wel voor zorgen dat je team goed in balans blijft. Dat je een goede mix houdt.’

Werken op tijdstippen dat scholieren niet kunnen

Een van de kassamedewerkers, de 67-jarige Arida, is nu een jaar met pensioen. De ander, Gerrie al zo’n 5 jaar. ‘Zij is 71’, zegt Verheul. Beiden werken zo’n 10 tot 12 uur per week. Veelal op drukke momenten en op tijdstippen dat scholieren niet kunnen. Die keuze om ze alleen op drukke dagen in te zetten, is een pragmatische. ‘Je moet ze niet laten komen als je werk voor ze moet zoeken. Ik zet ze alleen in op die momenten dat ze niet van de kassa af hoeven, ze moeten geen vakken gaan vullen. Op die manier houd je er rekening mee dat ze, ondanks hun leeftijd, goed kunnen blijven functioneren.’

Geen types om achter de geraniums te zitten

Het initiatief om te blijven werken, kwam van de medewerkers zelf. ‘Toen ze met pensioen gingen, zeiden ze dat ze graag nog wat uurtjes wilden blijven werken. Het zijn ook geen types die achter de geraniums willen zitten.’ Verheul hapte direct toe. De twee zijn een toegevoegde waarde voor zijn team, vindt hij. Ze kennen iedereen en iedereen kent hen. Ze weten bijvoorbeeld welke klant er behoefte heeft aan een praatje. ‘Er zijn klanten die speciaal bij hun kassa in de rij gaan staan.’ Daar zit ook wel eens een nadeel aan. ‘Je ziet jongere klanten wel eens ongeduldig kijken als zo’n praatje naar hun zin wat te lang duurt.’

Ouderen zijn niet vaker ziek dan jongeren

Dat ouderen vaker ziek zouden zijn dan jongeren, is volgens Verheul een fabeltje (zie ook kader: Laag ziekteverzuim). ‘Ze melden zich nooit ziek. Tenzij ze bijvoorbeeld écht griep hebben. Maar dat is zelden.’ Ze kunnen het kassawerk ook nog goed aan. ‘Gerrie (71) krijgt wat moeite met de mobiliteit, maar daar heb je achter de kassa geen last van.’ Verheul vindt bovendien het sociale aspect belangrijk. ‘Het geeft hen zingeving.’ Bovendien heeft het een functie in een dorpswinkel. ‘Iedereen kent elkaar en leeft met elkaar. Zij spelen daar als geen ander op in. Dus zolang als het kan, zie ik geen enkele belemmering om ze in dienst te houden.’

Vinger moet wel aan de pols worden gehouden

Het is volgens Verheul wel zaak om een vinger aan de pols te houden. Zijn hoofdcaissière gaat geregeld met de twee om de tafel. ‘Je moet blijven peilen of zij er nog plezier in hebben en of ze het fysiek en mentaal nog aankunnen. Doordat je met elkaar in gesprek bent, zijn en blijven alle opties bespreekbaar.’ Want hij realiseert zich terdege dat er een keer een eind aan zal komen. ‘Door de gesprekken heb je aanknopingspunten om daarover te beginnen als het nodig is. Het is nu niet aan de orde, maar als ze minder goed gaan functioneren, zullen we afscheid van elkaar moeten nemen. Maar ik denk dat ze dat moment zelf voor zullen zijn. En als we wel van inzicht verschillen, komen we daar vast en zeker op een goede manier uit.’

AOW’er goedkoper dan voor hun pensionering

Zoals het betaamt, betaalt Verheul ze netjes volgens de cao. Een van de twee heeft daardoor wel moeten inleveren. ‘Dat was mijn hoofdcaissière. Ze doet nu gewoon caissièrewerk en daar wordt ze naar betaald. Ja, dat was een vorm van demotie, maar dan na pensionering.’ Ondanks dat ze volgens cao worden betaald, zijn ze goedkoper dan vlak voor hun pensionering. ‘Een belangrijk deel van de sociale lasten valt weg. Dat scheelt aardig wat. Dus die beleving, dat ze duur zijn, klopt niet. Er zijn best voordelen waarvan ik denk dat veel collega-ondernemers daar geen weet van hebben.’

Honderden euro’s verschil in beloning

Gepensioneerde werknemers blijken inderdaad aanzienlijk goedkoper dan niet-AOW’ers in dezelfde loonschaal. Bij een 40-urige werkweek scheelt dat honderden euro’s. Een reguliere winkel- of kassamedewerker (Schaal B-5) kost een werkgever onder aan de streep vierwekelijks €2707,69 tegen €2298,43 voor een gepensioneerde. Een verschil van bijna €410, berekende Marshoek voor Foodmagazine. Dat komt doordat de werkgeverslasten een stuk lager zijn. Er hoeven onder meer geen premies voor WW en WIA te worden betaald. Het opslagpercentage daalt daardoor van zo’n iets meer dan 35 naar net geen 15 procent. In schaal D-5 scheelt het zelfs €475 bij 40 uur. Een gepensioneerde is op een paar centen na €3 per uur goedkoper.

Werknemer houdt netto ook meer over

Voor de werknemer is het ook aantrekkelijk. Die houdt onder aan de streep (netto) ook iets meer over. In schaal B-5 krijgt een gepensioneerde €10,95 per uur tegen €10,18 voor een niet-gepensioneerde (zie tabel 3). Overigens liggen de voordelen van de AOW’er niet alleen op het vlak van loonkosten. Supermarkten van franchisers/ondernemers met een wat ouder personeelsbestand scoren onder aan de streep beter, bleek onlangs uit cijfers van Marshoek. Dat kan soms tot wel enkele procenten schelen. Marshoek vergeleek daarvoor de 25 best presterende ondernemerswinkels met de 25 minst presterende winkels. Betere winkels hadden gemiddeld wat ouder en ervarener personeel en meer medewerkers werkten fulltime (> 32 uur). Overigens betekende dat niet dat deze winkels (veel) gepensioneerden op de loonlijst hadden.

Competitie op arbeidsmarkt wordt heftiger

Marshoek constateerde tegelijkertijd dat de competitie op de arbeidsmarkt heftiger wordt. Zo’n 15 procent van de supermarkten zegt een personeelstekort te hebben. Supermarkten vissen in dezelfde vijver als de horeca en daar zegt 25 procent moeite te hebben om nieuwe medewerkers te werven. ‘In tijden van personeelsschaarste kan het daarom zeker aantrekkelijk zijn om een gepensioneerde nog wat uren te laten werken’, zegt consultant Joeri van Rens.

BVD-Advocaten: Weinig risico met AOW’er

Overigens loopt een werkgever, ook bij ziekte weinig risico met een AOW’er. Dat komt doordat het wat betreft het arbeidsrecht sinds een paar jaar ook een stuk aantrekkelijker is geworden om een 65-plusser als werknemer te hebben. Waar een ondernemer vroeger nog grote risico’s liep bij onder meer ziekte en arbeidsongeschiktheid, zijn die nu flink lager. Zeker sinds de laatste ‘update’ (januari 2018) van de wetgeving op dit gebied. Arbeidsrechtspecialist Dico Boogerd van BVD-advocaten geeft antwoord op een aantal vragen.

Als iemand de pensioenleeftijd haalt, moet hij dan eerst uit dienst?

‘Nee, dat hoeft niet. Maar bij pensionering wordt het dienstverband meestal automatisch beëindigd. Dat staat in veel cao’s en arbeidsovereenkomsten. Formeel krijgt iemand dan een nieuw contract als hij blijft doorwerken’, aldus Dico Boogerd.

De medewerker had een vast dienstverband. Mag je vervolgens ook een tijdelijk contract aanbieden?

‘Ja, dat mag. Normaal mag je een medewerker drie tijdelijke contracten voor 2 jaar aanbieden. Bij een pensionado mogen dat er zes in 4 jaar zijn. Dat is dus veel soepeler en dus flexibeler.’

Dus een tijdelijk contract aanbieden is handig?

‘Dat is maar de vraag. In de praktijk zie je vaak dat niets wordt aangeboden als een pensionado wil doorwerken en de werkgever daar ook oren naar heeft. Als er niks wordt afgesproken loopt, volgens de rechtspraak, eigenlijk het contract door en is het een contract voor onbepaalde tijd. Maar dat is helemaal zo slecht nog niet voor een werkgever. Want als je iemand een nieuw contract aanbiedt na zijn AOW-leeftijd, heb je niet de voordelen die de wet qua ontslagrecht aan een werkgever biedt. Dat is bijvoorbeeld dat je het contract voor onbepaalde tijd gewoon kunt opzeggen met een maand opzegtermijn, ook al is de werknemer al 30 jaar in dienst.’

Hoe zit het dan met een transitievergoeding?

‘Bij het ontslag van een AOW’er hoef je geen transitievergoeding te betalen. En er zit nog een groot voordeel aan. Je hebt geen preventieve toestemming van het UWV of de kantonrechter nodig. nodig. De opzegging wordt niet van tevoren getoetst door bijvoorbeeld de kantonrechter, zoals bij ontslag van een reguliere werknemer met een vast contract vanwege bijvoorbeeld disfunctioneren wel gebeurt. De betreffende gepensioneerde werknemer kan eventueel zelf naar de rechter stappen. Maar om dat succesvol te doen, moet het gaan om een ongeldig ontslag.’

Wat is een ongeldig ontslag?

‘Als je bijvoorbeeld opzegt omdat iemand ziek is geworden en je geeft dat ook aan als reden. Dat mag dus niet.’

Mag je iemand wel ontslaan bij ziekte?

‘Ja, dat mag in dit geval. Bij een reguliere werknemer heb je een opzegverbod gedurende 2 jaar, bij een AOW’er is het opzegverbod slechts gedurende 6 weken van kracht. Dat is best een groot voordeel, als iemand ziek blijft kun je toch gewoon opzeggen. Overigens moest je die werknemer voorheen nog 13 weken doorbetalen. Sinds 1 januari is dat zelfs nog maar 6 weken.’

En geldt er nog een re-integratieverplichting?

‘Die is dus kort. Beperkt tot die 6 weken. Bovendien hoef je alleen nog maar naar passend werk binnen je eigen organisatie/bedrijf te zoeken. Als werkgever hoef je dus niet te kijken of je elders werk kunt vinden, er bestaat dus geen zogenoemde tweede spoor re-integratie zoals die voor reguliere arbeidskrachten wel geldt. Kan de slecht ter been wordende oudere wellicht wel kassawerk doen? Daar zul je eventueel gevolg aan moeten geven, maar indien je geen mogelijkheden hebt, hoef je niet extern verder te zoeken.’

En bij een reorganisatie?

‘Dan is het een wettelijke plicht (afspiegelingsbeginsel) om AOW-gerechtigde medewerkers als eerste afscheid te laten nemen. Zélfs nog voor gewone oproepkrachten en tijdelijke contracten.’

Al met al lijken het aantrekkelijke medewerkers. Dus bij een nijpend personeelstekort snel op zoek naar een 65-plusser?

‘Het klinkt aantrekkelijk en dat is het in bepaalde situaties ook. Zeker nu er druk op de arbeidsmarkt komt. De medewerker moet natuurlijk zelf ook willen blijven werken. Overigens moet je hen wel volgens cao naar hun functie betalen. De cao levensmiddelen maakt ook geen onderscheid tussen een AOW’er en niet-AOW’er. Je mag ze dus niet minder betalen dan de niet-gepensioneerde. Maar verder is een pensionado erg aantrekkelijk. Je bent ook iets goedkoper uit, voor een gepensioneerde hoef je bepaalde premies werknemersverzekeringen, zoals AOW, WW en WIA, niet meer te betalen. Bovendien heb je een zeer ervaren medewerker met jaren
ervaring die juridisch gezien qua flexibiliteit zo’n beetje is te vergelijken met een jongere tot 18 jaar.’ 

Reageer op dit artikel