blog

‘Supermarkt bepaalt hoe dieren in de stal behandeld worden’

Column

‘Supermarkt bepaalt hoe dieren in de stal behandeld worden’
Bron: Varkens in Nood

Supermarkten stellen zich in de discussies over dierenwelzijn nogal bescheiden op. Veelal ziet men gebrekkig dierenwelzijn als een probleem van de boeren, van de overheid en van de consument. Die laatste, omdat hij niet wil betalen. Ikzelf zie de supermarkt, in onze geliberaliseerde markteconomie, als de ketenregisseur, de partij die uiteindelijk bepaalt hoe de dieren in de stal worden behandeld.

Supertopia

Maandelijks geeft Foodmagazine het podium aan één actiegroep. In een kort betoog schetst de groep hun ideaalbeeld van de supermarkt. Deze keer: Hans Baaij van Varkens in Nood.

‘Dat moet toch een eerste eis zijn van een supermarkt: dat dieren in stallen worden gehouden conform wettelijke voorschriften’

Dat supermarkten aan het roer staan, kwam duidelijk naar voren toen Varkens in Nood in 2009 een rechtszaak tegen Albert Heijn en C1000 begon, met als vordering dat ze alleen nog varkensvlees afkomstig van ongecastreerde dieren zouden inkopen. AH en C1000 gingen om en andere supermarkten volgden. Vervolgens stopten boeren massaal met castreren en was dit binnen zes maanden voor de Nederlandse markt taboe. Supermarkten kunnen derhalve snel beter dierenwelzijn afdwingen.

Maar bij deze verbetering bleef het helaas.

‘Iets Beter Leven’-keurmerk

De supermarkten stellen misschien dat ze op de goede weg zijn door massale introductie van het Beter Leven-keurmerk. Bij varkensvlees is dit inderdaad het geval, maar het extra welzijn stelt helaas weinig voor. Iets meer ruimte, beter afleidingsmateriaal (maar niet beter dan wettelijk voorgeschreven) en geen transporten van langer dan 8 uur (maar die komen voor Nederlands varkensvlees toch al niet voor). En jawel, er mag niet worden gecastreerd (maar dat gebeurde al niet meer). Kippenvlees met het Beter Leven-keurmerk stelt wel duidelijk extra eisen ten opzichte van gangbaar. Maar de consequentie is dan ook meteen dat het marktaandeel van kip met één ster (circa 20%) veel lager is dan bij varkensvlees (rond de 70%).

Productie in strijd met de wet

Nog altijd wordt vrijwel al het gangbare vlees geproduceerd en dus verkocht terwijl de producenten zich niet aan de wet houden. Dat zou toch een eerste eis moeten zijn van een supermarkt: dat de dieren in de stallen gehouden worden conform de wettelijke voorschriften. En dat de supermarkten dit niet alleen eisen, maar ook mogelijk maken door redelijke winstmarges voor de boeren. Zelfs bij het Beter Leven-keurmerk hebben grote percentages van de varkens, in strijd met de wet, ernstig ‘ongerief’ van maagzweren door slecht veevoer, van pijn en stress door onverdoofd afbranden van de biggenstaartjes, afleidingsmateriaal dat niet afleidt, stress en ongerief omdat zeugen wekenlang opgesloten worden in een krappe kraamkooi en zieke en gewonde dieren die geen medische hulp krijgen, maar apart worden gelegd om te kijken of ze het alsnog redden. Circa zes miljoen varkens sterven ieder jaar op de boerderij. En tientallen miljoenen kippen. Van die kippen heeft een groot aantal gebroken poten of vleugels door de ruwe behandeling bij vangen, transport of slacht. Minder dan de helft van de transporten voldeed aan de wet.

Laten de supermarkten er dus eerst voor zorgen dat het vlees dat ze verkopen geproduceerd is volgens de wettelijke normen voor dierenwelzijn. Geen extreme eis toch?

Dure vleesvervangers en goedkope kiloknallers

Maar ook als de primaire producenten zich wel aan de minimale wettelijke eisen houden, is het met het dierenwelzijn vaak slecht gesteld. Gelukkig is er een steeds groter aanbod van vleesvervangers, waarbij ik wel vermoed dat de winstmarges een belangrijker rol spelen. Een plantaardige hamburger is gemiddeld 4,3 keer duurder dan een vleeshamburger en een vegarookworst 3,8 maal. Gemiddeld zijn vegaproducten meer dan twee keer zo duur als vergelijkbaar vlees. De hoge winstmarges op vleesvervangers zorgen voor een lagere verkoop en hebben een negatief effect voor dieren, klimaatverandering en milieu.

Een bron van ergernis is de enorme aandacht van supermarkten voor barbecuepakketten met kiloknallers. Dat kan heel goed de oorzaak zijn dat de vleesconsumptie voor het eerst in jaren in Nederland niet afgenomen is.

Supers kunnen het verschil maken

Mijn boodschappenlijstje aan de supermarkten is dus heel simpel:

  • zorg ervoor dat de boeren zich aan de wet (kunnen) houden;
  • verlaag de prijzen van vleesvervangers en compenseer dat met hogere prijzen voor vlees;
  • stap bij kip over op sterrenvlees;
  • verhoog de normen voor sterrenvlees bij varkens, bijvoorbeeld door dieren een handje stro per dag te gunnen;
  • stop met kiloknallers en vooral met die enorme barbecuepakketten.

Dan is het nog een heel eind tot een echt ethische bedrijfsvoering die een fatsoenlijk leven garandeert voor onze dieren. Maar zoals het nu gaat, deugt het helaas nog van geen kanten. Sorry.

Reageer op dit artikel